HANS SCHONEWILLE: DE MOORD AAN DE TREINWEG

Marcel Schonewille

In juni 1999 wordt Hans Schonewille uit Leiden met een telefoontje gelokt naar een afgelegen parkeerplaats bij Alphen aan den Rijn. Het wordt zijn laatste rit. Vermoedelijk is hij ter plekke geliquideerd. Ruim dertien jaar later is de zaak nog onopgelost, ondanks dat wel bekend is vanuit welke hoek het moet zijn gekomen. Het harde bewijs ontbreekt, tot frustratie van zijn zoon Marcel.

Een parkeerplaats aan een doorgaande weg, tussen Alphen aan den Rijn en Nieuwkoop. Tegenwoordig staan er overdag wel eens wat auto’s, van mensen uit de omgeving die weten dat dit een toegang is tot het natuurgebied aan de Treinweg, waar je de hond kunt uitlaten en waar je kunt wandelen of joggen. Maar dan moet je het wel weten: veel meer dan een bord met een P en een aanduiding naar een recreatieterrein is er niet. Het is behoorlijk afgelegen: zo’n twee kilometer voor het gehucht Aarlanderveen.

Op vrijdagochtend 11 juni 1999 ziet een politieman die hier zijn hond uitlaat het lijk van een man liggen. Het slachtoffer is met een vuurwapen omgebracht en ligt in een plas bloed. In zijn kleding wordt geld aangetroffen, maar identiteitspapieren ontbreken. Korte tijd later kan de identiteit worden vastgesteld. Het slachtoffer is de 47-jarige Hans Schonewille uit Leiden.

Schonewille was donderdagavond 10 juni 1999 van zijn huis in Leiden vertrokken in een blauwe Opel Omega met het kenteken YT-55-YY. De auto werd donderdagnacht om 02.00 uur brandend aangetroffen op een parkeerplaats in de Hondsdrafzoom in Leiderdorp. Uit het onderzoek blijkt dat Schonewille in ieder geval niet zelf zijn auto daar, zo’n 22 kilometer verderop, geparkeerd heeft.

Links de parkeerplaats aan de Treinweg

Als er in 1999 in een uitzending van Opsporing Verzocht aandacht aan de zaak wordt besteed, wordt vermeld dat  Schonewille zich bezighield  met criminele activiteiten. Ook op de website van Peter R. de Vries wordt er aandacht aan besteed en wordt gesuggereerd dat één van die criminele activiteiten hem mogelijk fataal is geworden. Zo wordt aangegeven dat Schonewille zich ten tijde van de moord ook bezighield met handel in sigaretten. Hij zou al weken bezig zijn om een partij van honderden sloffen sigaretten op te kopen. Daarnaast handelde hij in namaakmerkkleding. Sportkleding, spijkerbroeken, t-shirts en truien, alles was mogelijk. Ook zou hij met een buitenlandse man een afspraak hebben gemaakt over een partij goud. En: “Handelaar Schonewille zat ook in de verdovende middelen. Hij dealde in softdrugs als wel in harddrugs.”

Die donderdagavond was Schonewille tamelijk onverwacht van huis vertrokken. Er was om negen uur een telefoontje binnen gekomen. Volgens zijn vrouw had hij een beetje verbaasd gevraagd: “Nu?” Maar hij had gezegd: “Ik kom eraan”. Na het gesprek ging hij meteen op pad. Hij nam zijn gsm, papieren en enkele duizenden guldens mee. Onduidelijk is of hij ook een vuurwapen heeft meegenomen. Toen hij wegging zei hij tegen zijn echtgenote: “Tot vanavond.” Ook maakte hij de opmerking dat hij blij zou zijn als hij weer veilig thuis zou zijn. Omdat Schonewille de volgende morgen nog niet thuis was, belde zijn vrouw naar zijn gsm. Maar het mobieltje stond uit. Ondanks dat de politie veel illegale activiteiten van Schonewille in kaart heeft gebracht, bleef zijn moordenaar onvindbaar.”

In 2007 is er nog een coldcase-onderzoek uitgevoerd, maar dat leverde ook niets op. Het dossier is overigens nog steeds niet afgesloten, maar de aandacht in Opsporing Verzocht en het werk van het coldcase-team leverden allemaal niets op. Dat betekent dat de moord op Hans Schonewille waarschijnlijk nooit meer wordt opgelost en dat is voor de nabestaanden moeilijk te verkroppen. In elk geval voor één van hen: zoon Marcel.

Wat was er aan de hand met zijn vader? Hans Schonewille, in 1952 geboren in Leiden, begon in de autohandel en de illegale verkoop van textiel, in Leiden en omgeving. Later startte hij samen met zijn zwager Cor het bedrijf CB Amusement. Cor was getrouwd met een zus van Hans. Het bedrijf verhuurde speelautomaten aan de horeca. Maar gaandeweg werd een nevenactiviteit veel belangrijker: de illegale lotto.

Het was in de tijd dat in Den Haag en Rotterdam de bingo-oorlog woedde tussen John Bestebreurtje, in Rotterdam en omstreken, en de familie Scheffer in Den Haag. Het is nu amper meer voor te stellen, maar halverwege de jaren tachtig was de regio Rotterdam/Den Haag helemaal in de ban van het bingo-spel: avond aan avond zetten duizenden mensen bedragen in van gemiddeld zo’n vijftig gulden. Eén ‘gokhal’ was goed voor een nettowinst van een slordige vijf miljoen gulden per jaar.

Hans Schonewille

Nauw verwant met de bingo was de illegale lotto. Toen Bestebreurtje aanstalten leek te maken zijn territorium uit te breiden naar Den Haag, volgde er een confrontatie met de familie Scheffer die in het Haagse de touwtjes in handen had. In februari 1987 sneuvelde Willem Scheffer (32) in een vuurgevecht bij Hollands Spoor, anderhalf jaar later werd John Bestebreurtje (41) vanaf een motor doodgeschoten toen hij in Rotterdam in zijn auto voor een stoplicht stond. Die aanslag ging de geschiedenis in als de eerste professionele liquidatie in Nederland.

Wat Bestebreurtje was in Rotterdam, Scheffer in Den Haag, dat waren Hans Schonewille en zijn zwager Cor in Leiden. Ook hier moest een territorium worden verdedigd. Zo herinnert Marcel Schonewille zich een bezoek van ‘de Scheffertjes’ aan Leiden.

“Ze kwamen met drie Mercedesen aanrijden, maar hier waren ze al getipt, iedereen zat gewapend klaar. Alle kinderen moesten binnen blijven, het was oorlog.” De Scheffers kozen eieren voor hun geld, het bleef bij dreigen. De grenzen waren afgebakend.

Schonewille had officieel ook nog het bedrijf HAKO in horecabemiddeling en hij had een aantal cafés in Leiden. Hij verdiende heel veel, maar dat was aan bijna niets te merken. Hij woonde in een huurhuis, reed in een doodgewone Opel Omega, niks om de aandacht van wie dan ook op zich te vestigen. De uitspattingen speelden zich af in het anonieme. Stappen met vrienden in Rotterdam, dan ging er in één nacht zomaar 25 tot 30.000 gulden door. Hij was twee keer getrouwd. Zoon Marcel is uit het eerste huwelijk, ten tijde van zijn dood woonde hij samen met zijn tweede vrouw en haar drie kinderen en de dochter die ze samen hadden gekregen.

De ellende begint als zwager Cor besluit dat het mooi geweest is met de illegale praktijken, hij wil eruit en iets nieuws beginnen. Hij laat zich uitkopen voor een schappelijk bedrag: drie ton, in guldens, en begint een vakantiepark. Bij deze deal is er één persoon die tussen wal en schip valt: de broer van Cor, Henk. Hij heeft niet geprofiteerd van de verkoop en met Schonewille klikt het niet.

Er ontstaan hooglopende conflicten. Henk gaat op eigen houtje met de lotto door, probeert lottolopers van Schonewille over te nemen en dat loopt uit op een gewelddadige actie. In de nacht wordt de woning van Henk, aan de Eversenstraat in Leiden, met stenen bekogeld waarbij de ruiten sneuvelen er wordt naar binnen geschoten. Henk doet geen aangifte, het is wel duidelijk hoe de vork in de steel zit. Maar dat het hiermee niet is afgedaan is ook wel duidelijk.

Marcel: “Ik ga ervan uit dat mijn vader toen heeft geprobeerd iemand in te huren om Henk op te laten ruimen. Er is ook wel eens een naam genoemd, in elk geval was wel ongeveer bekend in welke kring het gezocht moest worden, het was een kennis van mijn vader.”

De plannen voor de liquidatie zijn behoorlijk concreet: de moord zal op zaterdag moeten plaatsvinden. Maar in de week ervoor hebben zich achter de schermen waarschijnlijk wat verrassende ontwikkelingen voorgedaan. Vermoedelijk heeft de huurmoordenaar dubbelspel gespeeld en is hij naar het beoogde slachtoffer gegaan en heeft hij daarmee een deal gemaakt. Als hij het een beetje handig speelt vangt hij dubbel: van de opdrachtgever en van het doelwit.

Het laatste telefoontje op donderdagavond komt dan ook zeer waarschijnlijk uit de hoek van de huurmoordenaar, die wil dat Schonewille naar hem toe komt. Gezien de lichte verbazing bij Schonewille lijkt het erop dat er eerst een andere afspraak was gepland. Misschien nog vóór de moord op zaterdag, misschien later, maar in elk geval niet op deze donderdagavond.

Marcel: “Mijn vader was behoorlijk paranoïde. Hij stapte nooit bij iemand anders in de auto, hij reed altijd zelf, hij haalde de mensen wel op als ze ergens naar toe moesten.” Maar hij heeft er waarschijnlijk geen rekening mee gehouden dat zijn eigen huurmoordenaar hem in de val zou lokken.

Het tijdstip van de afspraak, daar moet goed over nagedacht zijn. Schonewille had een pistool dat hij vrijwel altijd bij zich had als hij onderweg was, zeker voor zo’n soort afspraak. Om allerlei redenen bewaarde hij dit pistool niet in huis, maar bij een goede kennis in de buurt, in de kluis van diens avondwinkel. Daar kon hij altijd terecht. Behalve deze avond: de winkel was nog dicht. Dat moeten degenen die van plan waren Schonewille in de val te lokken hebben geweten, wat erop duidt dat ze wel erg goed op de hoogte waren van dit soort details: bijna niemand wist hiervan.

In elk geval vertrekt Schonewille dus ongewapend naar zijn afspraak. Zijn vrouw was erbij toen hij 50.000 gulden uit de kluis haalde. De afspraak is op de parkeerplaats aan de Treinweg. Donker, verlaten. Hij moet in een hinderlaag zijn gelokt, Schonewille is geen man om zich zonder slag of stoot over te geven. Maar tegen meerdere personen – die wél gewapend zijn – heeft hij geen schijn van kans.

Hij wordt buiten zijn auto drie keer in de nek geschoten, één keer in de slaap en één keer in de wang. Een van de daders stapt in de auto van Schonewille, de ander in de auto waarmee ze naar deze plek zijn gekomen, vermoedelijk een rode auto. De Opel Omega van Schonewille wordt op een parkeerplaats in Leiderdorp neergezet en in brand gestoken. Daar wordt hij donderdagnacht al aangetroffen, maar op dat moment weet nog niemand wat er aan de hand is. Er wordt geen groot alarm geslagen: de auto was leeg.

De volgende morgen, als een politieman zijn hond uitlaat bij de parkeerplaats aan de treinweg, ziet hij het lichaam van Schonewille.

Zoon Marcel: “Het was opmerkelijk dat mijn vader dit keer niet had gezegd waar hij naar toe ging, met wie hij een afspraak had. Uit de gang van zaken kun je wel opmaken wat de bedoeling was, maar anders vertelde hij altijd aan mijn moeder waar hij heen ging. En in de weken na de moord werden er in het uitgaansleven van Leiden heel wat geruchten opgevangen, er zijn toen ook twee verdachten aangehouden, blijkbaar hadden ze in een dronken bui iets geroepen dat duidde op betrokkenheid, maar helemaal helder is dat niet geworden. Ik weet ook niet of die vermoedelijke huurmoordenaar daar ook bij was. Die ben ik later nog wel een keer tegengekomen. Hij schrok zich wezenloos toen hij merkte dat ik de zoon van Hans Schonewille was.”

Dat Schonewille niet zelf zijn auto op die parkeerplaats in Leiderdorp heeft neergezet, staat voor Hans wel vast: “Mijn vader zou hem nooit zo parkeren, hij zette ‘m altijd achterstevoren, dat vond hij veiliger.”

Na de moord gebeuren er nog wat vreemde dingen. Schonewille had uitdrukkelijk te kennen gegeven dat hij begraven wilde worden, zijn vrouw liet hem cremeren. Bij de crematie waren alleen familieleden van haar kant uitgenodigd, dat viel niet in goede aarde, tijdens de ‘plechtigheid’ ontstond er zo’n gevecht dat de politie eraan te pas moest komen.

Volgens zoon Marcel klopt er in elk geval één ding niet aan wat er over zijn vader op internet staat: dat hij met drugs te maken had. “Ik begrijp niet waar ze dat vandaan halen, daar is nooit iets van gebleken, is geen enkel bewijs voor en het klopt volgens mij ook echt niet, hij zat helemaal niet in dat milieu. Gokken, ja, maar drugs? Daar had hij echt niets mee te maken.”

 

8 Reacties

  1. Argus
    8 september 2012 - 01:05

    Ik word altijd wat wantrouwig als ik lees dat uitgerekend een politieagent een slachtoffer vindt. Net zo wantrouwig als om die ‘routinecontroles’ waarbij gezochte criminelen worden aangehouden, of grote bedragen geld of arsenalen aan wapens worden aangetroffen.

    Reply
  2. 13 oktober 2012 - 18:58

    Tja jongen, ik hoop voor jou dat je duidelijkheid krijgt en de genoegdoening die daar bij hoort.
    Laat mij hem niet vinden want anders…………..

    Reply
  3. peng schonewille
    23 mei 2015 - 20:38

    we weten allemaal zo langzamerhand wie het gedaan heeft eens loop ik die klootzak tegen het lijf en eens kijken of hij dan nog de grote jongen uit gaat hangen die typhus smeris uit leiden die doen geen moer laat hun ook maar lekker dood vallen geen justitie kloothommel die het waagt om ooit bij mij aan de deur te komen, maar nogmaals eens kom ik hem tegen en dit is voor hem een bericht………..KIJK VOORLOPIG MAAR ACHTEROM WANT ER KOMT EEN TIJD DAT IK ACHTER JE LOOP

    Reply
    • Rooie
      1 november 2016 - 17:27

      Dat is een tijdje geleden leuke tijden meegemaakt met hans zie hem nog aan de deur staan met cor met worsten. Hoop dat jou dader ooit gepakt word .

      Reply
    • Joost
      9 januari 2018 - 23:52

      Heeft de ontmoeting inmiddels plaatsgevonden?
      Kan ik de casus vsn de kalender scheuren!

      Reply
      • Marcel
        19 januari 2018 - 15:23

        Dag Joost,
        Wat voor ontmoeting? En wie met wie?
        De zaak is wel heropend inmiddels, dus fijn voor de nabestaanden.

        Reply
  4. Al
    5 april 2017 - 08:11

    Right……….Geen drugs. Nee joh echt niet!

    Reply
    • Anoniem
      24 juli 2017 - 22:29

      Nee geen drugs….geen dingen roepen als je nergens vanaf weet….

      Reply

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.