Profielanalyse: achteraf kijk je een koe…

In de nieuwe Quest veel aandacht voor misdaad. Ook een mooie reportage over profielanalyse. Hoe kom je een moordenaar op het spoor? Dat speelde vooral in het pré-DNA-tijdperk. De jacht op seriemoordenaars. In Nederland is Carlo Schippers de bekendste analist. Hij heeft een opleiding gehad bij de FBI. Voor mijn boek Moord in Nederland heb ik hem destijds geïnterviewd.

In televisieseries zijn profilers buitengewoon populair, maar dat is voor meer dan 95 procent totale nonsens en fantasie: in werkelijkheid worden er zeer zelden moorden opgelost dankzij deze analyses, wat niet wil zeggen dat het geen nuttig hulpmiddel kan zijn bij het speuren. Achteraf blijkt vaak dat de profilers het aardig bij het goede eind hadden, soms ook helemaal niet. 

De grootste miskleun in de Nederlandse geschiedenis was het daderprofiel van de moord op Gerrit-Jan Heijn. Daar kwamen de analisten tot de conclusie dat er sprake was van een dadergroep. Een ervaren rechercheur uit het Zaanse team had het beter gezien: het was veel eerder een actie van één man. Hij had het inderdaad bij het rechte eind.

Ook bij Marianne Vaatstra voldeed de dader – Jasper S. – niet erg aan het geschetste profiel. Meestal worden dit soort moordenaars geschetst als wat eenzame figuren, alleenstaand, bij hun moeder wonend. Een huisvader, getrouwd, met kinderen, dat is niet wat in de plaatjes past. Bij veel seksmoordenaars is achteraf wel het een en ander te verklaren. Gedrag in hun jeugd, hun levensloop. Dierenmishandeling, brandstichting, diefstal. Bij Jasper S. kun je, ook met de kennis achteraf, weinig conclusies trekken. “Kun je met een daderprofiel een moordenaar vangen?”  is de vraag in Quest. Het antwoord moet zijn: nee, alleen in films en televisieseries.

1 Reactie

  1. Lau
    16 april 2018 - 02:58

    De quest heb m jaren elke maand gekocht vind hem nu te duur teveel uitgedund etc erg jammer want was een leuk blad

    Reply

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.