
Op woensdagavond 24 mei vindt een 49-jarige wandelaar een plastic tas met 100.000 euro, aan de Sint Annadreef in Ulvenhout. Na twee dagen aarzelen brengt hij de vondst naar de politie. Als ‘eerlijke vinder’ heeft hij misschien wel recht op een beloning. Heel Nederland slaat aan het fantaseren: wat zou je zelf doen als je in de schoenen van de wandelaar stond? De zaak is nog steeds omgeven met veel geheimzinnigheid. Aktueel dook in de Brabantse onderwereld en ontdekte dat er een schimmenspel is opgevoerd waarbij voor een ‘eerlijke vinder’ geen rol was weggelegd.
Woensdagmorgen 24 mei. Op het industrieterrein De Vijf Eiken in Oosterhout arriveert Hans de R.(42) bij zijn loods, een immense hal die bijna geheel wordt afgeschermd door andere gebouwen. Vanaf de weg is alleen de toegangsdeur te zien. In de loods worden houten pallets opgeknapt en na reparatie doorverkocht. Het lijkt een weinig lucratieve handel, maar schijn kan bedriegen. Tot een jaar of zes geleden werkte Hans bij een keurige autosloperij in Dongen, daarna raakte hij in andere kringen verzeild, als bodyguard en bewaker, samen met een kennis. Op die manier kwam hij in contact met figuren die in de Brabantse onderwereld een prominente rol spelen, met name op het gebied van de illegale hennepkwekerij. ‘Plantjes’, noemen ze dat in Brabant. Een van hen is een zekere Leon van D., zwart schaap uit een nette ondernemersfamilie. Op die woensdagmorgen wordt Hans bij zijn bedrijf opgewacht door enkele gemaskerde mannen, die hem in een auto trekken en ontvoeren.
Annadreef
Wat er precies is gebeurd, is nog niet bekend, maar ‘s middags wordt Hans vrijgelaten met de boodschap dat hij 100.000 euro in een tas moet neerleggen aan de Sint Annadreef in Ulvenhout. In de kranten is steeds sprake van losgeld, waarschijnlijker is dat Hans een schuld heeft bij deze of gene en dat het om een wat hardhandige incasso-opdracht gaat. Leon van D. blijkt naderhand namelijk één van de personen die als verdachte worden aangehouden. Leon en Hans kennen elkaar en Leon heeft een reputatie op het gebied van incasso’s.
De plek waar de tas met geld moest worden neergelegd, doet denken aan die van de ontvoeringen van Gerrit-Jan Heijn en Freddy Heineken: een smalle bosweg onder een viaduct van een snelweg. Goed te observeren, gemakkelijk weg te komen. Van wat er na de ontvoering en terugkeer van Hans de R. gebeurt, is veel onduidelijk. Volgens de politie regelt Hans zelf een tas met losgeld. Die tas wordt inderdaad op de aangewezen plek neergelegd. Hans is overigens niet de enige die wordt afgeperst, ook een compagnon, een zekere Van G., moet bloeden, maar die is verder buiten beeld gebleven.
De eerste vraag is: wist Hans wie hem ontvoerden en waarom? Antwoord: ongetwijfeld. Vraag twee: waarom ging hij niet meteen naar de politie? Antwoord: waarschijnlijk heeft hij dat gedaan. Eén van de afpersers is Arie P., ooit lid van de beruchte Juliet-bende. Arie zat vroeger bij de politie, maakte deel uit van een arrestatieteam en kent alle kneepjes van het vak. Bij de Juliet-bende introduceerde hij het systeem van contra-observatie: het afleggen van de politie. Hij weet als geen ander hoe zijn oud-collega’s werken. Het idee om het losgeld bij het viaduct in Ulvenhout te dumpen, komt ongetwijfeld uit zijn koker. Dan is de vraag: aan welke kant staat de zogenaamde ‘eerlijke vinder’, wie schakelde hem in? Dat hij als wandelaar toevallig op de tas is gestuit, is vrijwel uitgesloten.
De feiten, volgens de politie: de eerlijke vinder doet pas twee dagen na de vondst aangifte bij de politie en dan begint er een heel media-circus: wandelaar vindt toevallig tas met geld, de eigenaar wordt verzocht zich te melden. Meteen doet Hans de R. ook aangifte bij de politie: hij claimt dat het geld van hem is. Feit is ook dat ‘de wandelaar’ niet is aangehouden als verdachte en dat zijn identiteit nergens is prijsgegeven. Dat betekent dus dat hij niet in opdracht van de afpersers opereerde. Dus: voor de politie. Die waarschijnlijk had gehoopt de verdachten ter plekke te kunnen aanhouden, maar als dat niet lukt wordt er twee dagen na de ‘vondst’ een toneelstukje opgevoerd en wordt de zaak in de publiciteit gebracht.
Het onderzoek gaat gewoon door en een maand later, op maandag 26 juni, worden vier mannen aangehouden: Arie P., Leon van D., Alex B. en Boris van der L. Op elf plaatsen in Breda, Oosterhout, Chaam, Hoogstraten en Dorst worden woningen, een winkel, twee loodsen en een garagebox doorzocht. In de loodsen worden hennepkwekerijen vermoed, maar daar vangt de politie bot: in elk geval één loods is van een bonafide ondernemer: de vader van Leon van D.
Het valt voor verslaggevers niet mee Hans de R. te traceren. Menig journalist bijt zijn tanden stuk op de man die in de media alleen werd aangeduid als ‘ondernemer’ uit Oosterhout. Zijn initialen of achternaam zijn niet bekendgemaakt. Het vergt dan ook heel wat gezoek op de diverse bedrijventerreinen in Oosterhout en omgeving voor hij in beeld komt. Via een vroeger woonadres van zijn moeder komen we terecht bij een broer van Hans: een grote forse man. Die helemaal niet blij is dat we aanbellen bij zijn woning in een nieuwbouwwijk en die geen lettergreep aan informatie wenst te verstrekken. Hans schijnt uiterlijk veel weg te hebben van de broer, we kunnen ons er iets bij voorstellen: zo’n man wil je wel als bodyguard.
Het bedrijf van Hans staat niet onder zijn naam ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, dus ook dat is nog even zoeken. Bij de loods zijn een paar mensen aanwezig, Hans is er niet. We laten een kaartje achter met het verzoek of Hans wil bellen, maar dat doet hij niet.
Van de advocaten van de aangehouden personen komt ook weinig nieuws: de heren zitten in beperking en dat betekent ondermeer dat hun raadslieden maar weinig mogen loslaten. En zelf ook niet veel te horen krijgen van politie en justitie. Het Openbaar Ministerie is evenmin scheutig met informatie, het enige dat men kwijt wil is dat de aanhouding van twee verdachten is verlengd met 30 dagen en van de twee anderen met 90. Waarschijnlijk wordt er meer bekend als de eerste rechtszitting nadert, maar dat wordt ruimschoots na de zomer.
ENDSTRA EN AFPERSER ARIE P.
In de media sloegen de fantasieën over de tas met geld en de ‘eerlijke vinder’ nogal op hol. Uit ingezonden brieven en reacties op internet bleek dat veel mensen wel hadden geweten wat ze zouden doen als ze die tas hadden gevonden: lekker zelf houden. Ze realiseren zich niet dat de kans dat je als toevallige wandelaar zo’n tas vindt, nagenoeg nihil is. En dat ze zich in dit geval in een ongekend wespennest hadden gestoken en midden in een conflict in de Brabantse onderwereld waren beland. Er zijn heel wat personen die dat laatste met zwaar lichamelijk letsel of erger moesten bekopen.
Met Arie P., die als een van de vier verdachten is opgepakt, kun je beter geen ruzie krijgen. In het verleden was hij betrokken bij de beruchte Juliet-bende, een stel Brabantse criminelen die uitermate gewelddadig tekeergingen met ripdeals, ontvoeringen en incasso’s. Recent duikt zijn naam op in de Endstra-tapes. Het gaat dan over de connecties van Willem Endstra met de gebroeders Rob en Erik Driesen, de Bredase zakentweeling (foto linksboven)die in 2001 werd doodgeschoten door Ron N. Deze Ron geldt als een boezemvriend van Arie P. Ron had de broers geld geleend voor een discotheek op Aruba en zat met geld in hun project Mega Sport. Endstra was eigenaar van het onroerend goed van Mega Sport.
De Driesens hebben waarschijnlijk geen idee gehad met wat voor figuren ze in zee gingen: ze hadden geen criminele achtergrond. Aan hun vrolijke leventje van geld uitgeven en leven als God in Frankrijk, komt een einde als ze in aanvaring komen met hun belangrijkste investeerder Ron N. Hij organiseert freefight-gala’s, zijn naam wordt genoemd als lid van de beruchte Juliet-bende, eigenlijk willen ze liever van hem af en dat laten ze hem weten. Dan is de boot aan. Ron wil zijn geld terug.
De Driesens zien maar één manier om van hem af te komen: zelf gaan ze op cruise, op 23 april moet Ron met een autobom worden uitgeschakeld. De aanslag mislukt, Ron raakt alleen gewond aan zijn voet. Hij gaat als een bezetene op zoek naar de opdrachtgevers. Hij kan zich niet voorstellen dat zijn goede vrienden Rob en Erik dit op hun geweten hebben, maar toch is het zo. Zekerheid daarover krijgt hij als zijn vriend Arie P. op 16 mei de tweeling onderhanden neemt. Endstra vertelt daarover dat Arie hierover is verhoord door de recherche. Arie had gezegd: "Ja, het was een zakelijke bespreking, maar ze kwamen bont en blauw terug. Helemaal eh...ja, de hele nacht vastgehouden en zwaar mishandeld en bedreigd."
Volgens Endstra waren ze ook met sigarettenpeuken bewerkt en hadden ze een schuldbekentenis van tien of vijftien miljoen getekend. Op zondag 20 mei komt Ron dan naar de tweeling om de zaak uit te praten. Dat loopt uit de hand, hij schiet hen dood en wordt veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf. Arie P. gaat vrijuit. Tot ongenoegen van Willem Endstra, die zegt: "Zo’n Arie, die gewoon vol in de drugs zit, die mannen ontvoert, samen met Ron, die gaat zo weer naar huis."
Ron N. zit vast, Endstra is dood en Arie P. zit ook vast. De vraag is alleen: hoe lang?
KADER TWEE
DE JULIET-BENDE
Arie P., een van de mannen die vastzit voor de ontvoering van Hans de R., was een van de meest prominente leden van de beruchte Juliët-bende. Justitie noemde de groep naar de (Latijnse) initialen van een van de hoofdfiguren, John J. De bende hield zich bezig met XTC-handel, gijzelingen, afpersing en ripdeals. Er werden incasso’s uitgevoerd, waarbij slachtoffers werden ontvoerd en in sommige gevallen lichaamsdelen (oren, vingers) naar de familie of zakenpartners werden gestuurd. Ook werden er schijnexecuties uitgevoerd. Vaak opereerde men verkleed als politiemensen en met nep-politiewagens.
Het onderzoek naar de bende loopt uit op het grootste fiasco uit de Nederlandse rechtsgeschiedenis. Een van de hoofdverdachten is de Engelsman Perry P. In ruil voor opname in een getuigenbeschermingsprogramma treedt hij op als kroongetuige, maar officier van justitie Cees van Spierenburg gaat lelijk over de schreef. Aan Perry P. was toegezegd dat hij alleen zal worden vervolgd voor lidmaatschap van een criminele organisatie en dat justitie zich niet zal verzetten tegen een schorsingsverzoek. Dat laatste is van belang omdat er anders geen getuigenbeschermingsprogramma kan worden opgestart. Maar deals met criminelen liggen in die dagen gevoelig, Van Spierenburg wordt teruggefloten en moet op zijn toezegging terugkomen. Dan barst de juridische hel los: de advocaat van Perry heeft stiekem een gesprek met Van Spierenburg op een bandje opgenomen. Als Van Spierenburg ontkent dat hij de toezegging heeft gedaan, laat de advocaat het bandje horen en wordt Van Spierenburg vervolgd voor meineed. Bijna alle verdachten – een man of tien - gaan vrijuit, omdat de verklaringen van de kroongetuige niet meer mogen worden gebruikt. Van de geëiste gevangenisstraffen van 20 en zelfs 25 jaar blijft bijna niets over. Zo komt ook Arie P. – ongetwijfeld tot zijn eigen verrassing – al spoedig weer op vrije voeten.
|
slim bedacht
Geplaatst door: | 28 augustus 2006 om 14:05