
(Foto: Ferry de Kok en John Mieremet 'op zakenreis')
(reportage voor Nieuwe Revu, juni 2007)
Dankzij zijn snelle reflexen als hockeyprof overleefde hij een moordaanslag, hij was erbij toen John Mieremet in Thailand werd geliquideerd, zijn naam duikt al jaren op in allerlei dossiers maar voor de Nederlandse justitie was hij ongrijpbaar: Ferry de Kok(42). Nu is hij in België veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf omdat hij een medewerker van de gokhallen van de Erven Mieremet zou hebben bedreigd. Volgens de kranten is hij voortvluchtig, ‘maar ik ben me echt van geen kwaad bewust, ik zoek geen plekje om me te verstoppen ik loop nergens voor weg, ze komen maar.’
Portret van een man in de schaduw van de onderwereld.
In februari 2003 is Ferry de Kok thuis in Purmerend als hem ineens de kogels om de orenvliegen: dwars door het raam wordt er op hem geschoten, met een automatisch vuurwapen. Hoewel niet meer zo afgetraind als tijdens zijn professionele ijshockeycarrière bij de Amstel Tigers zijn zijn reflexen nog goed: bliksemsnel laat hij zich vallen en weet hij het grootste deel van de salvo te ontwijken. Hij wordt zes keer geraakt, maar niet dodelijk. Wie heeft het op hem gemunt?
De schutters laten doorgaans geen briefje achter en ook in dit geval blijft het gissen. De naam van Stanley H., de nieuwe Godfather, wordt genoemd.
Ferry de Kok: ‘Dat heb ik ook gehoord, maar ik weet het niet. Het klopt wel dat ik een conflict met hem had. Hij had mij ervan beschuldigd dat ik bij een incasso zijn naam had genoemd. Ik zei dat dat niet zo was. Hij geloofde mij niet, maar hij zei: “Het is wel goed.” Het zat me toch niet lekker, ik ben teruggegaan en heb hem gezegd dat hij er echt naast zat. Hij deed joviaal, ik kreeg twee schouderklopjes, maar ik was er niet gerust op.’
Feit is dat de aanslag enkele dagen na dit akkefietje plaatsvindt. Ferry is dan nog erg op zijn hoede, ‘dat is mijn geluk geweest. Ik lag thuis op de bank, ik had ook het geluk dat de eerste kogel over mijn hoofd ging. Ik liet me meteen op de grond vallen. Toen werden er nog 16 of 17 schoten afgevuurd.’ De aanslag wordt nooit opgehelderd of opgeëist. Maar wie is deze Ferry de Kok, dat hij het doelwit wordt van een serieuze poging tot liquidatie in het criminele milieu?
De Kok groeide op met een andere jongen uit de Watergraafsmeer die later nog aardig bekend zou worden: topcrimineel Mink Kok. Er was een vriendengroepje dat elkaar later nog vaak tegenkwam, overigens niet speciaal in het criminele milieu: men deed zijn eigen ding.
Zo fungeerde Ferry geruime tijd als chauffeur annex bodyguard voor Bekende Nederlanders en Buitenlandse Sterren, met drugshandel liet hij zich voorzover bekend nooit in. Dat hij goed kan opschieten met Mink Kok, is niet zo vreemd: beiden staan bekend als behoorlijk gisse jongens. Als er al een rode draad in het leven van Ferry te bespeuren valt, dan is het dat hij ‘in de buurt is’. Bijvoorbeeld als er iemand vermanend moet worden toegesproken wegens achterstallige betalingen. Zo komt hij in het Endstra-dossier voor als een van de mensen die zakenman Rolf Friedländer dringend adviseert over de brug te komen als diens zoon Pelle in de penarie zit. Hij zou samen met Jan Femer bij Friedländer aan de deur zijn geweest. Overigens kende hij Friedländer nog uit zijn ijshockeytijd: Friedländer was voorzitter van de Amstel Tigers.
Dit speelt zich nog af in de periode vóór de liquidaties, als de verhoudingen nog enigszins duidelijk zijn, niet lang daarna ontstaat er verdeeldheid. Terwijl Mink Kok in de gevangenis zit voor wapenhandel wordt de ene na de andere crimineel afgeknald en worden de kaarten opnieuw geschud. Stanley H. en Mink Kok golden tot dan toe als twee handen op één buik, maar dat verandert: Stanley neemt afstand van Mink en sluit zich aan bij ‘de tegenpartij’: Holleeder en zijn kompanen.
En dan zit Ferry ook zomaar bij het andere kamp, dat kan ook een rol hebben gespeeld bij de aanslag in Purmerend.
Ferry: ‘Ik was de ogen en oren van Mink, zij hadden hem laten vallen, zijn geld afgepikt. Misschien vonden ze het niet fijn dat ik nog met Mink bleef omgaan. Ik kreeg ook nog geld van die groep. Als het van die kant komt, heb ik mijn eigen aanslag gefinancierd.’
In Purmerend voelt Ferry zich na de mislukte liquidatiepoging niet veilig meer, maar waar moet je heen? ‘Er zijn niet zoveel mensen die je in zo’n situatie graag onderdak bieden. Ik kende John Mieremet toen oppervlakkig, bij hem kon ik wél terecht.’ Ferry verkast naar het Belgische Neerpelt, waar Mieremet aan de Wildlaan een meer dan riante villa bewoont. Gaandeweg raken de mannen goed bevriend. Mieremet is bezig met het opzetten van legale bedrijven. Op het industrieterrein in Overpelt is zijn bedrijf Tools & Textiles gevestigd dat spullen uit China importeert.
De heren reizen wat af. ‘We zaten voor zaken veel in China, maar daar was verder niet veel te beleven, we maakten vaak een tussenstop in Thailand.’ Daar raakt Mieremet verslingerd aan de cultuur en begint hij een groot onroerend-goed project, het Singto Park, net buiten de bruisende badplaats Pattaya. Mieremet heeft dan al een aanslag (voor het kantoor van Evert Hingst in Amsterdam) overleefd, hij heeft alle reden om zich onveilig te voelen. In België heeft hij steevast een kogelvrij vest binnen handbereik en als er verplaatst moet worden, gaat dat in vliegende vaart, er wordt nergens gestopt. In Thailand waant hij zich veilig.
Ferry: ‘In de kranten word ik altijd lijfwacht genoemd, maar dat was ik helemaal niet. John wilde niet de hele dag iemand om zich heen, dat vond hij geen leven. Voor zichzelf hield hij er al rekening mee dat het een keer zou gebeuren, dat vond hij niet erg, zei hij, hij vond het alleen vervelend voor zijn vrouw en kinderen.’
Het valt andere Nederlanders in Thailand op hoe relaxed Mieremet daar is: hij jogt langs het strand, rijdt op een scooter en zit onbekommerd op een terras. In februari 2005 wordt daar de beroemde foto gemaakt waar hij samen met Ferry op staat als ze een kickboksgala in de gevangenis in Bangkok bezoeken. Kickbokser Martin van Emmen is daar toevallig aanwezig.
Martin: ‘Iemand maakte mij erop attent dat John Mieremet op de tribune zat. Ik kende hem wel van naam, maar wist niet dat hij daar was, ik kende hem niet van gezicht. Ik ben naar hem toegelopen en heb gezegd: “Jij bent John Mieremet. Mag ik een foto van je maken?” Daar werd wat lacherig over gedaan, maar hij had ook iets van: dat moet dan maar, hij zei: “Dat is goed, als je er maar bij zet dat ik in Bangkok woon.”’
Tussen de Thaise bedrijven door is Mieremet druk bezig zijn bij Willem Endstra belegde miljoenen te incasseren, wat niet eenvoudig is na diens liquidatie in mei 2004. In ‘Stille Willem’ beschrijft Harry Lensink hoe broer Haico Endstra in september 2005 op bezoek komt bij weduwe Ria in Neerpelt, nadat ‘lijfwacht Ferry de Kok’ heeft opengedaan. Het gesprek is op band opgenomen.
Haico: ‘Hai. Jullie zitten zeker in de tuin.’
De Kok: ‘Wat zegt u?’
Haico: ‘Jullie zitten zeker in de tuin.’
De Kok: ‘Nee, wij zitten nooit buiten.’
Dan verschijnt Mieremet in de deuropening. ‘Hé Haico, kom
binnen jongen. Moet je wat drinken?’
Nadat er thee is gebracht, begint Mieremet te klagen. Dat hij een hoge belastingschuld heeft, dat ze zijn gokhallen in Amsterdam hebben afgepakt, dat hij door iedereen wordt genaaid.
‘Ik laat me niet slachten door jullie,’ briest Mieremet. ‘Holleeder heb mij al lopen slachten. Ik ben zeer correct naar je broer toe geweest. Ja, je broer wou me naaien met Holleeder, misschien omdat hij bang was. Dat heb ik recht kunnen zetten door hem in de krant te zetten. Nu word ik door jou genaaid.’
Vervolgens wordt de bezoeker door de gastheer uitgelaten. Vlak voordat ze de woning verlaten strijkt de gangster over de rug en de buik van Haico Endstra, kennelijk op zoek naar opnameapparatuur. Die er wel is, maar wordt niet ontdekt. Als hij gerustgesteld is, gaat Mieremet echt los. ‘Haico, kanjer, ik schiet je zuster dan wel dood. Doe d’r de groeten (…) Jullie neuken me.’
Ze hebben mijn gokhallen afgepakt, klaagde Mieremet tegen Haico Endstra. Per 1 mei 2005 was de vergunning voor De Strip in de Reguliersbreestraat en ‘Twenty One’ in de Lange Niezel in het kader van de wet Bibob niet verlengd. Het bedrijf stond officieel op naam van Ria Eelzak (42), de vriendin van John, maar het was een publiek geheim dat John de tent runde. Op papier was zoon Barry al sinds zijn zestiende bedrijfsleider, maar die had er nooit veel anders gedaan dan bij het personeel om geld vragen om kleren te kopen, daar kwam pas een eind aan toen vader John er een stokje voor stak.
Als eind april 2005 bekend wordt dat de boel dichtgaat, steken de personeelsleden de koppen bij elkaar en besluiten ze ’s nachts het aanwezige contante geld – ongeveer 110.000 euro - veilig te stellen. De exploitatie van de gokhallen is op dat moment in handen van Cor de Boer, die er al meer dan twintig jaar werkt. Als hij merkt dat het geld verdwenen is, doet hij aangifte bij de politie. Hij moet ook bij Ria in Neerpelt op het matje komen.
Daar wordt hij naar zijn zeggen bij de deur opgewacht door Ferry de Kok en Barry Mieremet en meteen flink onder handen genomen. Een gehavende De Boer tekent alles wat hem wordt voorgehouden, terug in Nederland zijn de schuldigen danig onder de indruk. Ze weten niet hoe gauw ze de emmers met geld in Neerpelt moeten afleveren. Ze moeten ook hun excuus aanbieden en gaan zonder morren akkoord met hun ontslag. De meeste personeelsleden schieten er flink wat geld bij in. Achteraf denken sommigen dat het opzetje is geweest om op een gemakkelijke manier van het personeel af te komen.
In 2005 trekt Cor de Boer de aangifte van diefstal in, pas twee jaar later krijgt dit muisje nog een staartje: dan legt De Boer bij de politie verklaringen af over de mishandeling.
Ferry de Kok: ‘De recherche naait mij omdat ik geen verklaringen wil afleggen over Holleeder. Dat hebben ze zelf ook gezegd: “Als je niet meewerkt pakken wij je via België.” Dat hebben ze nu gedaan, ze hebben die Cor de Boer onder druk gezet om er alsnog werk van te maken en een klacht in te dienen.”
De Boer verklaart dat Ria hem heeft gebeld. Bij de villa deed John de deur open, met de woorden ‘Hé Cornelis, loop even mee.’ Als ze het kantoor binnenlopen, wordt hij meteen tegen de deur aangeduwd. ‘Ik werd door Ferry bij mijn keel gegrepen en een stukje van de grond getild. Ik weet niet precies meer wie wat heeft gedaan. Ik kreeg een stomp in mijn maag en lag vervolgens op de grond. Ik kreeg toen diverse schoppen in mijn ribben. Ferry en Barry deelden de schoppen uit.’ Barry heeft intussen zijn moeder naar de keuken gestuurd, John komt binnen met een wapen. ‘Hij kwam bij mij staan en richtte het wapen op mijn hoofd en vroeg waar het geld was. Ik zei dat de jongens dat hadden en dat ik het niet had. Ik moest niet liegen. Hij hield het wapen vervolgens in mijn kruis. Barry en Ferry zeiden niets, alleen John had het woord. Ik bleef zeggen dat ik het geld niet had. John begon vervolgens over mijn moeder en kind. Hij zei: “Ja, anders vermoord ik je moeder en je kind.” Ik voelde dit als zeer bedreigend.’ De Boer moet dan aan het bureau gaan zitten om papieren te ondertekenen, Barry dreigt hem met een hockeystick op zijn handen te slaan, maar dat mag niet van John.
Ferry de Kok ontkent dat hij De Boer mishandeld heeft. ‘Het enige dat klopt aan het verhaal is dat die jongens dat geld hadden gestolen. De zaak is pas twee jaar later opgepakt door de Nederlandse politie en toen aangeleverd aan België, het was een zaak van niks. Cor de Boer heeft zelf nooit de moeite genomen aangifte te doen en hij heeft zich ook niet onder medische behandeling laten stellen na de zogenaamde mishandeling. Ik denk dat politie en justitie hem hebben gedreigd met de wet Bibob, voor zijn huidige vergunning en dat ze het op een akkoordje hebben gegooid. Maar als er iemand is met criminele contacten dan is het Cor de Boer, ik heb vergunningen voor minder ingetrokken zien worden.”
Op verzoek van de Belgische rechtbank heeft een arts een rapport opgemaakt over De Boer, waarvan de conclusie is dat de man aan de mishandeling en bedreiging in 2005 ‘een lichte posttraumatische stress-stoornis’ van twee procent heeft overgehouden, zulks volgens de Officiële Belgische Schaal, hetgeen ook inhoudt dat er sprake van van een blijvende psychische ongeschiktheid en blijvende arbeidsongeschiktheid van twee procent.
Ferry: ‘Dat rapport is twee jaar later opgemaakt, dat kun je zelf wel nagaan wat voor belachelijke zaak dit is. Ik ben ook nooit over deze zaak ondervraagd, ik ben er helemaal niet voor benaderd. Ze zeggen misschien dat ze me niet konden vinden, maar dat is echt niet waar, dat kan ik zo aantonen.’
Ria wordt ook over het voorval ondervraagd. Ze heeft een geheel eigen versie: volgens haar was Barry tegelijk met haar thuisgekomen en verliet een gehavende De Boer toen juist het pand, Barry had niks gedaan. Van de destijds betrokkenen heeft alleen Ferry de Kok last van de verklaringen: John Mieremet is op 1 november 2005 in zijn kantoor op het Singto Park vermoord, Barry is in 2007 tegelijk met een stel Belgische criminelen opgepakt voor een serie diefstallen met geweld. Hij is in juni 2008 veroordeeld tot een gevangenisstraf van acht jaar. Ferry had de bui al zien hangen en was toen al uit België vertrokken. Met de criminele activiteiten van Barry (‘de kindercrèche van Barry’) had hij geen bemoeienis, hij is in juni 2008 – bij verstek – alleen veroordeeld voor de mishandeling van Cor de Boer.
Ferry de Kok is vooralsnog alleen in België nationaal geregistreerd, er is niet om uitlevering gevraagd.
Ferry: ‘Ik ben nu bezig een onderzoek naar Cor de Boer te laten doen door een onafhankelijke deskundige, want wat ze daar nu hebben gedaan is allemaal doorgestoken kaart.’ Voor alle zekerheid waagt hij zich toch maar even niet op Belgisch grondgebied. Niet dat daar nog veel te beleven is. De kapitale villa aan de Wildlaan staat intussen al geruime tijd te koop, met het Singto Park in Thailand is het niks meer geworden. Ria heeft nooit veel feeling gehad met het project, alleen het kantoortje en de woning van de beheerder zijn afgebouwd, de rest ligt er troosteloos bij. En de gokhallen in Amsterdam zijn ook niet meer van haar.
Ferry de Kok is van plan Cor de Boer in België een verklaring te laten afleggen, maar De Boer zelf heeft daar nog niks van vernomen. Hij wil er verder ‘niks over kwijt.’ Het was niet zijn initiatief aangifte te doen, de politie was bij hem gekomen, ‘die was er al een tijd mee bezig, maar daar ga ik niets over zeggen, het is verder mijn pakkie-an niet en ik wil er heel ver buiten staan. Het ligt meer bij justitie.’
LINK MET LUSKE
In december 2004, anderhalf jaar na de aanslag, verschijnt er een opmerkelijk bericht over ‘justitiebronnen in Amsterdam’ die ‘lekken’ dat er verdachten zijn aangehouden voor de moorden op vastgoedhandelaar Bertus Lüske (augustus 2003) en op ex-politieman Martin Hoogland (maart 2004), de moordenaar van Klaas Bruinsma. Het zou gaan om enkele Nederlands sprekende Marokkaanse jongens die zich op de dag vóór de liquidatie van Lüske opvallend hadden gedragen. Volgens het bericht wordt deze dadergroep ook in verband gebracht met de aanslag op Ferry de Kok. Er wordt nooit meer iets van vernomen.
(
|