Header image  
logo2
logo3
 
 

Het verhoor van Hesdy B.

justitierotterdam

Rechtbank Rotterdam, vrijdag 25 mei 2007. Het verhoor van Hesdy B., geboren op 2 juli 1962 in Paramaribo, in het proces tegen Mink Kok en Rusky R. Justitie verdenkt hen ervan dat ze in april 1993 de Alkmaarse drugshandelaar Jaap van der Heiden met een bomtas aan de voordeur hebben opgeblazen. Twee eerdere door justitie opgeroepen getuigen zijn als zeer onbetrouwbaar door de mand gevallen.

De zitting begint met enkele mededelingen van de rechter. De advocaten van Mink en Rusky hebben gevraagd politieman Van Leijen te mogen horen. Hij heeft de moord op advocaat Evert Hingst onderzocht. Hij is wel bereid iets te verklaren over de rol van Hingst in de AIVD, dit naar aanleiding van een artikel in Vrij Nederland uit februari 2007. Ook is gevraagd in dit verband Marian Husken als getuige te horen. De rechtbank vindt het allebei niet nodig en wijst de verzoeken af.

De verdediging heeft ook gevraagd om het verslag van een gesprek tussen de officier van justitie, mr. Saskia de Vries, en Fred Teeven. Het gaat over enkele uitlatingen over observaties van 10 april 1993 (de bomaanslag op Jaap van der Heiden). Volgens de officier gaat het om vertrouwelijk intern overleg. De rechtbank vindt het niet nodig Fred Teeven hierover als getuige te horen, wel is er deze week een nieuw aspect aan de orde: Teeven heeft in 1997 een voorbereidend onderzoek ingesteld naar de aanslag. Daarover zal hij vrijdag 1 juni worden gehoord.

Na deze mededelingen wordt de zitting een minuut of tien geschorst om getuige Hesdy B. binnen te brengen, in een speciaal hok. De zitting is net heropend, als Minks advocate Adèle van der Plas aangeeft dat ze niet verder kan. Ze is ’s morgens in de badkamer van het hotel uitgegleden en ongelukkig op haar hoofd terechtgekomen, ze dacht dat het wel ging, maar waarschijnlijk heeft ze een lichte hersenschudding. Nico Meijering, de advocaat van Rusky R., zal de stukken die zij heeft voorbereid voor zijn rekening nemen.

Dat is de tweede schorsing.

De zitting wordt wederom na een minuut of tien hervat, nu vindt Nico Meijering dat hij getuige Hesdy niet kan zien, het hok staat niet goed. Opnieuw schorsing, om het hok te verschuiven, maar zo’n anderhalf uur na de geplande aanvangstijd lijkt het feest te kunnen beginnen. Toch niet: Hesdy kan de rechter niet verstaan, er is iets mis met het geluid. Gelukkig hoeft er nu niet te worden geschorst, na wederom een minuut of tien gepruts is de storing verholpen. "Ik hoor u luid en duidelijk!" zegt Hesdy luid en duidelijk, met een zwaar Surinaams accent.

Rechter: In maart 2007 heeft u met de politie gesproken.

Hesdy: De politie heeft mij opgezocht in het land waar ik toen woonde (hij wil niet zeggen waar, maar dat blijkt later de Dominicaanse Republiek te zijn geweest).

Rechter: Waarom?

Hesdy: Ze wilden mij horen, vandaar.

Rechter: Waarover?

Hesdy: Ik werd gezocht door de politie en door de onderwereld. Ze vroegen met wie ik omging in de jaren negentig. Ik heb toen beschreven wat heeft plaatsgevonden.

Rechter: Ze hebben geen specifieke dingen gevraagd?

Hesdy: Ik heb de namen genoemd van Rusdy en Mink. Toen ze begonnen is er wel een muntje gevallen: ik wist dat ik beschikte over een wetenschap. Ik heb dat niet meteen verteld, ik was een beetje angstig door ervaringen die ik heb met deze club. Ik heb de advocaat gevraagd of ik het mocht vertellen. Dat ik contacten heb gelegd in verband met het kopen van explosieven.

Rechter: Heeft de politie gezegd: ‘Wij zijn geïnteresseerd in de moord op Jaap van der Heiden?’

Hesdy: Nee, ik zag foto’s van Mink Kok, Rusky R. en Jaap van der Heiden, toen is het muntje gevallen.

Rechter: U was in het buitenland. Latere verhoren waren in Nederland. Wat u verteld hebt, was dat de waarheid?

Hesdy: Dat was uitsluitend de waarheid, honderd procent.

Rechter: Hoe en wanneer kwam u met Rusky in contact?

Hesdy: In het midden van 1992, op Curaçao, via Gerold T. Ik was toen regelmatig op Curaçao. Ik verbleef bij Gerold of in een hotel. Hij was een kennis.

Rechter: Wat deed Rusky op Curaçao?

Hesdy: We hadden gesprekken om iets op te bouwen, om het zo maar eens te noemen.

Rechter: Een cocaïnelijn van Curaçao naar Amsterdam. Met wie?

Hesdy: Gerold T., Rusky en ik.

Rechter: Wat deed Rusky?

Hesdy: In eerste opzicht was het een aardige man, maar dat veranderde snel, hij was dominant, er kwamen probleempjes. Vechten. Rusky wilde de baas zijn. Ik ben toen vertrokken naar Suriname, we konden het niet met elkaar vinden.

Rechter: Was Rusky daar alleen?

Hesdy: Rusky was daar met twee dames, Noah en Debby. Niet tegelijk, eerst Debby, toen Noah.

Rechter: Was u daar alleen?

Hesdy: Ik was er met een dame, Josta R.

Rechter: En uw vriendin Mariëlle?

Hesdy: Dat is mijn ex-vrouw. In 1992 was ik niet met haar. Mijn vriendin was zwanger. Op 18 september 1992 hebben we een dochter gekregen. Ik was op Curaçao rond augustus 1992. Dat weet ik nog goed, ik werd toen 30 jaar.

Rechter: Is dat belangrijk? Het jaar daarop werd u 31.

Hesdy: Het was voor mij belangrijk, het is een mooi rond getal.

Rechter: Hoe lang bent u daar geweest?

Hesdy: Een maand of zo.

Rechter: Waar gingen de problemen over?

Hesdy: Ik vond Rusky kinderachtig en dominant. Ik ben teruggegaan naar Suriname en daarna naar Nederland. Ik was net te laat voor de bevalling. Ik was op zakenreis, richting Brazilië. De baby kwam eerder. Daarna zijn we met z’n allen naar Suriname gegaan.

Rechter: U zei dat Rusky een hoop geld bij zich had.

Hesdy: Dat klopt. Meer dan 200.000 dollar.

Rechter: Hoe kon u dat zien?

Hesdy: Als hij het aan het tellen was. Hij liet het graag zien. Hij droeg het in een buiktas. Vriendinnen bewaarden het ook wel eens voor hem. Het geld was er, daar werd niet moeilijk over gedaan.

Rechter: Wanneer bent u naar Suriname gegaan?

Hesdy: In oktober. Een dikke maand. We zijn samen teruggegaan naar Nederland. Ik heb mijn moeder opgezocht, en mijn vader. Ik wilde hun mijn dochter laten zien. In 1993 waren we weer in Nederland. In mei/juni zijn we naar Curaçao gegaan. Eerst ik alleen, mijn vrouw zou later komen. Ik had een afspraak gemaakt om Rusky te ontmoeten, voor het opzetten van een lijn.

Rechter: Heeft u tussendoor nog contact gehad met Rusky?

Hesdy: Ja. Dat was in januari/februari 1993. Ik werd benaderd door Rusky. Hij vroeg of ik Duitse contacten had en of ik aan explosieven kon komen. We hebben diezelfde dag een afspraak gemaakt in de buurt van de Van Woustraat in Amsterdam, in de auto. We waren allebei met de auto. Hij vroeg of mijn Duitse vrienden iets konden regelen. Eventueel ook afstandsbediening. Dat was geen probleem. Ik heb gebeld. We hebben toen geen andere dingen besproken, Rusky was vrij direct.

Rechter: U kon niet met hem opschieten, waarom belde hij u dan?

Hesdy: Omdat men weet dat ik die Duitse contacten heb. Ik heb één of twee pistooltjes bij die Duitsers gekocht, dat heb ik hem verteld. Het is een klein wereldje.

Rechter: Had u eerder over explosieven gesproken?

Hesdy: Nee.

Rechter: Heeft hij gezegd war het voor was?

Hesdy: Nee, ik heb het ook niet gevraagd. Ik heb wat lacherig gezegd: ‘Ga je een kluis opblazen of zo?’ Het ging om TNT met remote-control. Ik heb hem in totaal ongeveer 20 minuten gesproken. Ik heb meteen gebeld.

Rechter: Hoe heette uw Duitse contactpersoon?

Hesdy: Thomas. Hij noemde zich Gotsch. Ik heb de vraag aan hem doorgespeeld. Het was geen probleem, hij zou mij terugbellen. De volgende dag heeft hij teruggebeld. Een jongen zou mij bellen. Die jongen heette Bob. Ik kende hem wel. Hij belde dezelfde dag. We hebben een afspraak gemaakt. Hij zou foto’s en tekeningen meenemen, van de afstandsbediening. Ik heb vier dagen later Rusky gebeld, we hebben een afspraak gemaakt met Rusky. Mink zat daar ook bij. "Die Lange gaat erbij zijn," had Rusky gezegd. Ik kende hem als ‘de jood’.

Rechter: Waar was die afspraak?

Hesdy: In het Hilton hotel aan de Apollolaan. We hebben besproken dat die dingetjes geleverd konden worden. Mink zei: ‘Er staat iets moois te gebeuren.’ De afspraak duurde een half uurtje. In de lobby heb ik met Bob gebeld. Bob zou vier of vijf dagen later naar Amsterdam komen. Ik weet niet meer waar, ik denk ergens in zuid. We hebben Bob in Amsterdam opgepikt, we reden in mijn auto verder. Alles zat in een plastic tasje. We hebben het even bekeken, toen zijn we naar Rusky gegaan. Mink was er niet bij. Ik ben ook weggereden, het was al laat. Ik heb begrepen dat de deal rond was. Het ging om een stuk of zes explosieven.

Rechter: Wat kreeg u daarvoor?

Rusky: Het bedrag? Nee, nee. Geld interesseerde mij niet, het was een vriendendienst.

Rechter: Die Bob en Thomas, daar deed u drugszaken mee?

Hesdy: Ja, vanaf 1990 tot 1994, toen ben ik aangehouden.

Rechter: U noemde Mink Kok de jood.

Hesdy: Ik kende hem al eerder, uit 1991, toen heb ik hem vluchtig gesproken. Ik had meer contact met Rusky en Roy T. (zelfde achternaam als eerder genoemde Gerold T.) De naam ‘de jood’ kwam van Roy T., die noemde hem zo.

Rechter: wat was dat voor contact in 1991?

Hesdy: Mink bood wat aan, aan een tussenpersoon, een meneer uit Dordrecht. Ik weet niet of ik die moet belasten. Hij belde mij, of ik wat kon doorverkopen. Hasj. Die man noemde hem ‘De Lange’. Ik ben naar hem toe gereden. Buiten, bij een benzinestation aan de snelweg, heb ik Mink gezien. Ik moest contacten leggen om een partij door te verkopen. Het duurde een kwartiertje. Kort daarna heb ik hem weer gezien. De mensen die de hasj wilden kopen, waren het niet eens en toen is de deal niet doorgegaan. Het ging om een Indonesische vrouw, die had een proefdeel overhandigd. De afnemers waren Duitsers, Thomas en een paar anderen. Er is weer een afspraak gemaakt om mee te delen dat het niet doorging. Dat was in Amsterdam, drie dagen later.

Rechter: Die ontmoeting in het Hilton hotel, hoe zag u hem?

Hesdy: Als De Lange. De jood, dat kwam meer van Roy.

Rechter: Herkende hij u?

En zo gaat het nog een tijdje door. Tijdens een schorsing loopt Rusky hoofdschuddend de zaal uit (hij zit niet vast). "En," vraag ik, "klopt het allemaal een beetje?" Rusky: "Wat is die jongen aan het glijden."

Tijdens de rest van het verhoor blijkt dat er niemand te vinden is die het verhaal van Hesdy kan of wil bevestigen. De personen waarover hij heeft verklaard, ontkennen. Mink zegt tijdens de zitting dat hij de naam van Hesdy B. niet kent en hij herkent de (vermomde) getuige ook niet. De advocaat van Rusky, Jillis Roelse, zegt dat de betrokken Duitsers tijdens verhoren ontkend hebben dat ze explosieven en afstandsbedieningen aan Mink en Rusky hebben geleverd. Ze verklaren ook dat ze geen van beiden kennen. De Duitsers erkennen wel dat ze met Hesdy zaken hebben gedaan, maar dat was in de drugshandel.

(wordt vervolgd)

 

De Suri-Connectie en de Turkse Maffia word steeds gevaarlijker en gevaarlijker in Nederland. De positie van deze twee bevolkingsgroepen is zeer hoog in de Hollandse misdaadscene. De Joego Maffia is ook niet achtergebleven en Antillianen trouwens ook niet, maar alleen de echte mensen met invloed en macht zijn toch de ST'ers.

Geplaatst door: anoniem | 31 juli 2007 om 17:40

ST'ers ???? wie zijn dat?
en waar basseer je op dat de zogenaamde Suri-connectie, antillianen en turken machtiger worden?

Geplaatst door: Dikke Gek | 24 november 2007 om 15:09

Ik denk interieurverzorgSTérs

Geplaatst door: Emiel | 24 november 2007 om 15:51