Header image  
logo2
logo3
 
 

Holleeder-proces: getuige Bram Zeegers

Maandag 1 oktober, het verhoor van getuige Bram Zeegers. "Was Max er nog maar," schoot even door mij heen. Niks tegen Jan-Hein Kuijpers, die het net zo goed doet als Bram het zou hebben gedaan, maar zou Moszkowicz senior ook zo’n probleem hebben gemaakt van dat scherm waarachter getuige Zeegers zich verschuilt voor tekenaars en publiek? Wat willen de advocaten nou, waarom maken ze bezwaar? Zijn ze ergens bang voor? Senior zou het gelaten hebben bij één sterke opmerking en vervolgens hebben geprobeerd de getuige in zijn waarde te laten, maar hem wel de nodige informatie te ontfutselen. Listig en doeltreffend. Nu is het een uur hoogst irritant gezeur over iets waarvan de uitslag al bij voorbaat vast staat: dat scherm blijft er. De beschuldigingen van ‘stemmingmakerij’ vliegen over en weer, Holleeder doet zelf ook een duit in het zakje: als dit geen media-dag is, waarom zaten er dan vanmorgen geen doeken in de auto om hem af te schermen? Officier van justitie Koos Plooij weet van niks.

Abraham Zeegers, geboren op 15 maart 1949 in Amsterdam, is tussen 12 september 2004 en november 2006 vijftien keer gehoord door de officieren van justitie en in december 2006 door de Nationale Recherche. Rechter mr. Rino Verpalen’s eerste vraag is: waarom heeft hij zich tot het openbaar ministerie gewend?

Zeegers: In de periode na de moord op Willem Endstra heb ik op verzoek van Haico Endstra (broer) een aantal zaken behandeld. Ik dacht dat ik informatie had die van belang kon zijn, omdat de zaken niet goed werden opgepakt. Ik heb een afspraak gemaakt met Koos Plooij en Fred Teeven en een keer met Jurjen Pen (zijn raadsman) gesproken, ik wilde de kennis kwijt.

Rechter: Zijn er afspraken gemaakt over de voorwaarden?

Zeegers: Ja, dat ik de enige ben die bepaalt of en wanneer de stukken toegevoegd worden en strikte geheimhouding.

Rechter: Hoe en waar hebt u de heer Endstra leren kennen?

Zeegers: Eind jaren tachtig, op een rechtszitting over onroerend goed in Amsterdam. Hij had donkere krullen en een donkere snor, heel anders dan zoals hij er later uitzag. "Wil je een zaakje voor mij doen?" vroeg hij. Ik ben op een gegeven moment als een van zijn advocaten gaan optreden. Hij was geïnteresseerd in advocaten die bezig waren op het gebied van onroerend goed en huur. En we mochten elkaar wel.

Rechter: Was u op de hoogte van alles, of alleen de civiele dingen?

Zeegers: Nee, hij deed zeer veel zaken. Ik deed alleen de zaken die mij werden voorgelegd, andere dingen heb ik van horen zeggen. In de loop der jaren heb ik wel meer kennis gekregen van de zaken waar hij mee bezig was.

Rechter: Wanneer is er een persoonlijke relatie ontstaan?

Zeegers: Ik werd al vrij vroeg bij hem thuis in de Diepenbrockstraat uitgenodigd. Hij had een nieuwe vriendin, Anita, hij was trots op zijn huis. Hij had een nieuw pand met ingebouwd zwembad, dat kon je vanuit een barretje door een glazen wand zien. De kinderen vonden het ook prachtig. Dat was rond 1993. Ik kwam er wel eens drie keer in de week.

Rechter: Willem Holleeder heeft u leren kennen via Willem Endstra.

Zeegers: Dat was in de tweede helft van de jaren negentig, 96 of 97. Ik reed met Endstra over de Apollolaan. Hij zei: "Hé, dat is het Golfje van Willem Holleeder." Hij vertelde dat het een gepantserde Golf was, daar kon je een granaat onder gooien, dan gebeurde er nog niks. Dat was de eerste keer dat Endstra zo duidelijk over hem sprak. Met bewondering, hij vond het wel stoer.

Rechter: Deden Endstra en Holleeder zaken?

NIEUW VANAF HIER

Zeegers: Ik heb wel met Endstra over Holleeder gesproken. Hij wilde Holleeder een kans geven, met het opknappen van pandjes, karweitjes. "Hij heeft zijn straf gehad, hij verdient een tweede kans.Een man die eenmaal met justitie in aanraking is geweest, hoeft geen zwart schaap te blijven, ik wil niet lullig doen." Het was een beetje tegen de algemene sfeer: Holleeder, waarom ga je daarmee om?

Rechter: Dacht u dat ook?

Zeegers: Een beetje wel, maar hij gaf dat op als motief.

Rechter: Heeft Holleeder pandjes opgeknapt?

Zeehers: Mijn pand moest een keer geschilderd worden, Endstra zei: Moet je Willem vragen. Een paar dagen later kwam er toen iemand langs. Dat was toevallig een oud-cliënt van mij.

Rechter: Heeft u zich afgevraagd wat Willem Holleeder in die tijd deed?

Zeegers: Uit eigen waarneming dat hij zich uitsloofde voor Willem Endstra. Boodschappen doen. Endstra was een druk man, afspraken werden vaak verzet.

Rechter: Holleeder deed boodschapjes, ging kinderen van school halen, broodjes halen.

Zeegers: Ik weet niet van participatie in BV’s.

Rechter: U bent gaan deelnemen in Finoren BV, in 1999. Ook de BV van Maike Dijkhuis nam daarin deel. U heeft geld gestort, Maike Dijkhuis was directrice. Endstra vertelde dat Maike Dijkhuis een stroman was van Holleeder. Zij deed wat Holleeder zei. Endstra wilde vanaf 2000 minder contact hebben met Holleeder, vanaf 2002 had ik het gevoel dat Endstra het wel gehad had met Holleeder.

Rechter: Waarop baseerde u dat gevoel?

Zeegers: Ik heb er geen duidelijke aanwijzingen voor. Het contact werd minder frequent, anders dan tot 2000, ik bespeurde een wijziging in de houding. Hij kwam ook minder bij hem thuis.

Rechter: Heeft hij daar iets over gezegd?

Zeegers: Nee, het was niet zo’n gespreksonderwerp.

Rechter: De afpersingen waarvan u weet zijn de bedreiging op het kantoor van Convoy, op het kantoor van Moszkowicz, het ‘verlanglijstje’, de geluidstapes en het bezoek van Sandra Klepper. Convoy, wat was dat?

Zeegers: Het was een gesprek van Willem Holleeder met Willem Endstra in de deuropening, op 29 april 2004. Ik was op het kantoor, ik zat in de voorkamer met de secretaresse. Ze zei: "Hé, daar heb je Holleeder." Ik zag iemand met een integraalhelm in een donker pak voor de deur, ik liep erheen, Endstra maakte een gebaar naar mij dat hij niet gestoord wilde worden. Ik ben naar het raam gelopen en heb het nummer van de Vespa genoteerd.

Rechter: Wat was er zo bedreigend?

Zeegers: Hij vertelde mij ‘s avonds: "Ik heb uitstel gekregen, ik krijg nog zes maanden. Ik moet nog zes miljoen betalen."

Rechter: Wanneer heeft u gehoord dat Willem Endstra was bedeigd op het kantoor van Moszkowicz?

Zeegers: Begin januari 2003 heeft hij daar met mij over gesproken, het was in de tweede helft van december 2002 gebeurd. Hij was nog met vakantie geweest naar Thailand.

Rechter: U heeft verklaard: "Op het kantoor van Willem Endstra is over de afpersingen gesproken. Holleeder heeft gezegd: ‘Dit kan wel eens je laatste kerst worden’. Hij vertelde toen dat hij op het kantoor van Moszkowicz was geweest en dat hij was bedreigd en tien miljoen moest betalen."

Zeegers: Ja, dat hoorde ik in januari 2003.

Rechter: In het eerste kwartaal van 2003 merkte u dat het niet goed zat. Waaraan?

Zeegers: Er waren stapels rekeningen die niet werden betaald, problemen werden niet opgelost, voor een pand aan de Fokkerweg, uit een BV die door mij bestuurd werd, was geen geld om de hypotheek te betalen (dat was eigendom van de Driesens). De oplossing die Endstra voorstelde kon hij niet nakomen.

Rechter: Wat zei Wim?

Zeegers: "Je zal nog even moeten wachten, we hebben op dit moment niks." De hele sfeer, dat nota’s niet betaald werden, het was nerveus, er waren geen liquide middelen.

Rechter: U heeft verklaard dat u in maart 2003 heeft gemerkt dat Wim van zijn contacten met Willem Holleeder afwilde. Er was een briefje met een eisenpakket: "Dit willen ze hebben."

Zeegers: Dat heb ik twintig seconden gezien, hij liet het me één keer zien, toen pakte hij het op en haalde hij het door de papiershredder. Er werden geen namen genoemd. Het was wel duidelijk dat er op 1 april weer betaald moest worden, dit was één of twee weken ervoor.

Rechter: "Toen ik het las heeft hij het niet aan mij uitgelegd."

Zeegers: Ik had het verhaal daarvoor al gehoord, op het kantoor van Moszkowicz, dat er al een fors bedrag betaald was. Hij gaf aan: "Zo hard word ik gepakt". Toen hij dat zei stonden we in de achterkamer. Daar staat de fax en een bureau, het is de ruimte waar hij mensen ontving.

Rechter: Werd daar afgeluisterd?

Zeegers: Ik wist dat er afluisterapparatuur was, hij zei wel eens: "Dit is het Big Brotherhuis." Niet dat alles voortdurend werd afgeluisterd. Hij vertelde dat er een aantal jaren daarvoor een inkijkoperatie was geweest door justitie en dat hij zelf ook camera’s binnen had. In de vergaderzaal en in de woonkamer heeft hij ook wel eens een sst-gebaar gemaakt. Er zat een camera in de spiegel als je binnenkwam. "Dit is het Big Brotherhuis, wees voorzichtig met wat je zegt." Hij had met zijn eigen camera gezien dat de politie de inkijkoperatie deed (die beelden waren te zien bij Peter R. de Vries, HJK)

Rechter: Willem Endstra heeft gezegd: de informatie ligt in de kluis bij Bram, die krijgen we nooit meer terug. Wat lag daar nog meer?

Zeegers: Het waren geen tapes, maar cd’s. Veel meer dan alleen die ene van de inkijkoperatie. Ze waren gedeopneerd in een dossier bij Moszkowicz, dat heette ‘Joker’.

Rechter: Waarom kreeg hij dat niet terug?

Zeegers: Hij zei: "Bram is nu houder voor iemand anders."

Rechter: Over Jan-Dirk Paarlberg. U zegt: Willem Endstra wilde absoluut niet dat er op zijn kantoor over afpersingen werd gesproken.

Vervolg toegevoegd op vrijdag 5 oktober

Zeegers: Dat was een heel gevoelig onderwerp, hij geneerde zich daarvoor. Hij had de neiging zichzelf als een weldoener te gedragen, die alles kon regelen, daar deed dit afbreuk aan. Ten tweede was hij bang dat de pers zou vernemen dat hij werd afgeperst, als dat bekend werd betekende het nog meer ellende. Er was ook schaamte, hij voelde zich slachtoffer.

Zeegers heeft Paarlberg één of twee keer gezien op het kantoor van Endstra. Endstra wilde absoluut niet dat de naam Paarlberg nog viel op kantoor.

Zeegers: Ik heb hem daar naar gevraagd, toen zijn we een blokje om gelopen. Hij zei: "Uit niets mag blijken dat ik contact heb met Paarlberg, hij zit in het afpersingstraject." Ik zei: "Je wordt voor vijf of tien miljoen euro afgeperst, hoe werkt dat?" Het ging via normale overboekingen, daarbij noemde hij Paarlberg. Hij vertelde toen het verhaal over de buis of de kabel. Dat waren twee voorbeelden om te laten zien hoe je als zakenman op een legale manier geld kwijt kunt.

Rechter: En die bedreiging op het kantoor van Moszkowicz?

Zeegers: Daar had hij het nooit rechtstreeks over, maar het hing als een onweerswolk over alles heen.

Rechter: Besprak u dat met hem? "Ik moet voor een buis die niks waard is tien miljoen euro betalen"?

Zeegers: Ik heb wel eens gesuggereerd dat hij dat misschien kon terugdraaien. Hij was daar zeer voorzichtig mee, "het is mijn zaak, mijn leven." Het irriteerde hem mateloos dat er grote bedragen naar Mieremet waren gegaan. We liepen een keer van de Beethovenstraat naar de Apollolaan, toen had hij het over kogelvrij glas en emigreren. Hij had een groot bedrag betaald, maar het was nog niet helemaal rond, Mieremet had er weer druk op gezet.

Rechter: Wanneer was u op de hoogte met Klepper en Mieremet?"

Zeegers: Klepper was in 2001 of 2002. Ik heb Klepper nooit ontmoet op kantoor. Van Mieremet hoorde ik pas in 2002, naar aanleiding van de krantenberichten dat er een moordaanslag op Mieremet was gepleegd, maar daar was Endstra niet erg openlijk over.

Rechter: "Ik heb op 9 september 2003 met Wim gesproken, nu zal ik je zeggen hoe het écht is gegaan."

Zeegers: Dat moet medio september 2002 zijn geweest.

Rechter: Het verwijst naar de moord op Barsoum

("Op 2 maart 2002 werd de 52-jarige Egyptenaar Magdi Barsoum in de Bloedstraat op de Wallen van dichtbij neergeschoten door een voetganger met een rugzak. Hij zou in een vete verwikkeld zijn geweest met de nabestaanden van topcrimineel Sam Klepper, die in oktober 2000 al was geliquideerd. Een paar dagen voordat Barsoum werd doodgeschoten, was diens voormalige vriend en zakenpartner John M. (41) neergeschoten. De recherche gaat ervan uit dat de vergeldingen voortvloeien uit een ruzie om een partij hasj. M. overleefde de schietpartij.")

Zeegers: Het ging over de afrekening van een partij drugs met Barsoum. Holleeder stond aan de andere kant, Mieremet aan de kant van Barsoum. Holleeder had gezegd dat het probleem op te lossen was door Mieremet te laten participeren in zijn bedrijf.

Rechter: "Het was een ruzie tussen Holleeder en Barsoum. Holleeder moest Mieremet en Barsoum een groot geldbedrag betalen." Waarom was dit een probleem van Endstra?

Zeegers: Dat weet ik niet.

Rechter: "Holleeder had zoveel voor Wim gedaan, dat Endstra moest zorgen dat het geld bij Johnny terecht moest komen."

Zeegers: Het plan was dat Mieremet zou investeren in de BV Herfurt.

Rechter: Sandra Klepper kwam op het kantoor van Endstra.

Zeegers: Wim en ik waren bij een notaris in Madrid. Wim had zijn telefoon nog uitstaan. Ik werd gebeld door de secretaresse, Daniëlle Roolvink, of ik Wim kon bereiken. We zouden nog een paar dagen in Spanje blijven, maar hij zei: "We moeten onmiddellijk terug naar Amsterdam." We hebben een eerdere vlucht genomen.

Rechter: Was Sandra Klepper voor u een bekende figuur?

Zeegers: Ik had haar nooit gezien, maar ik wist dat ze de weduwe van Sam Klepper was. Wim reageerde van: o, dit is weer afpersing.

Rechter: U had een wapen?

Zeegers: Ik vond in de periode oktober/november 2003 de situatie gevaarlijk. Een journalist schreef: Als je in een vijver met haaien zwemt, moet je niet bang zijn dat je gebeten wordt. Als ik een ambulance over de Apollolaan hoorde – die kon ik vanuit mijn huis horen – dan belde ik Wim even op. Hij reed zelf met een gepantserde auto.

Rechter: U kwam met een wapen op zijn kantoor?

Zeegers: Ja, dan zei ik: "Blijf jij even binnen, dan kijk ik even buiten of de kust veilig is." Dat is vaker voorgekomen. De 23-ste (november) staat mij nog helder voor de geest. De relatie met Anita Schuts was niet zo dat het nog zo gezellig was in de Diepenbrockstraat. Wim was meestal op de Apollolaan. Als hij het kantoor verliet en naar de auto liep, dat was een risicomoment. Het was een tijdsbestek dat in Amsterdam mensen werden geliquideerd. Ik volgde dat zo goed mogelijk, of het met een pistool of met een automatisch wapen gebeurde.

Rechter: Dacht u aan bepaalde personen?

Zeegers: De richting waaruit hij werd afgeperst. Ik heb er op kantoor ook over gesproken met Jurjen Pen (advocaat, HJK): hoe gaat dit aflopen? Hoe komt aan deze bizarre situatie een eind? Endstra zei: "Zolang ik betaal, blijf ik leven." Ik zei: "Ze kunnen je ook liquideren terwijl je nog betaalt, je loopt wel degelijk nu al gevaar."

Rechter: Sloeg dat op Holleeder?

TWEEDE VERVOLG VAN VRIJDAG 5 OKTOBER

Zeegers: Ja, maar er was ook nog altijd Mieremet (op dat moment is het twaalf uur ’s middags, de eerste dag van de maand: buiten beginnen de sirenes te loeien). Het was duidelijk dat hij de financiële afspraken met Mieremet niet na kon komen. Iemand als Mieremet kan dat niet accepteren, die hebben een methode van nakomen die eventueel gewelddadig zou kunnen zijn.

Rechter: U had een analyse gemaakt van liquidaties: eerst met automatische wapens, later pistolen. Wat dacht u met uw pistool te kunnen uitrichten?

Zeegers: Ik ben sportschutter. Ik heb de liquidaties op twee of drie mensen goed bekeken. Wij droegen kogelvrije vesten. Ik wist dat het tussen het kantoor en de auto zou zijn. Met een pistool schieten is niet zo gemakkelijk als het in Hollywoodfilms lijkt, je bent maar trefzeker van een afstand van een paar meter.

Rechter: U kon dus alleen helpen als u van de voordeur naar de auto loopt. Dat heeft u niet altijd gedaan.

Zeegers: Ik ben wel een aantal keren meegelopen.

Vervolgens mag officier van justitie mr. Koos Plooij de getuige ondervragen. Hij moet eerst een ‘hobbel’ uit de weg nemen: Zeegers heeft een vordering op de Erven Endstra. Men – lees: de verdediging – zou kunnen denken dat dit het motief was om naar de politie te stappen en de verklaringen af te leggen. Zeegers: "Ik zie niet in hoe dat bij zou kunnen dragen aan het slagen van de civiele procedure, anders had ik de Erven Endstra wel eerder op de hoogte gesteld." Ook een heikel punt: het blazoen van advocaat Zeegers is niet bepaald brandschoon, in 1999 is hij uitgeschreven als advocaat. Waarom? Zeegers: "Er liep een klacht tegen mij, dat vond ik vervelend, en ik kon mijn kantoorruimte goed verhuren. Mijn vader had een hersenbloeding gehad, die bezocht ik vaak in het ziekenhuis en ik was twintig jaar advocaat, ik had het wel een beetje gezien."

Plooij: Het verhaal ging dat u eruit gezet was.

Zeegers: Ik heb me vrijwillig van het tableau laten schrappen, Endstra wist dat.

Plooij: Na het uitschrijven lopen er nog twee strafzaken: van het Openbaar Ministerie in Amsterdam uit 2000 en van het Landelijk parket uit 2001. Is dat afgewikkeld?

Zeegers: Nee, nog niet.

Gaat er dan even over of het Openbaar Ministerie een tegenprestatie levert in ruil voor het afleggen van de verklaringen. Hij zegt van niet. Dan begint Plooij over het bezoek dat Zeegers en Endstra hebben gebracht aan André Beckers in Limburg, de advocaat van Mieremet en diens vriendin Ria Eelzak. "U zegt dan: Wim was stoïcijns, hij kon de spanningen gemakkelijk naast zich neerleggen.

Zeegers: Er was wel iets merkbaar als je hem goed kende. Hij was altijd rustig en beheerst. Als het mij was overkomen had ik knikkende knieën gehad en een trillende stem, hij kon een knop omzetten en zakelijke besprekingen voeren terwijl hij onder hoogspanning stond.

Plooij: Wist u van zijn gesprekken in 2003 met de CIE (de ‘achterbankgesprekken’)?

Zeegers: Ja, daar hebben we over gesproken. In 2002 heeft hij met de CIE gesproken in het kantoor van Jurjen Pen. In de zomer van 2003 voerde hij die gesprekken, dat is in januari 2004 op onbevredigende wijze geëindigd. In 2002 is er ook een gesprek geweest op het hoofdbureau van politie, de CIE had informatie over een doodsbedreiging aan zijn adres. Ik hoorde daar achteraf iets van, als het zo ter sprake kwam. "Het schiet niet op met die jongens," zei hij. Aanvankelijk had hij de verwachting dat Holleeder gearresteerd zou worden door zijn verklaringen en dat er een stevige zaak op gebouwd kon worden.

In de zomer van 2003 werkt Endstra mee aan het opzetten van een val voor Holleeder: hij vertelt de politie dat Holleeder in een geheime bergplaats in zijn auto, op de plek van de airbag, een pistool heeft. Endstra wil niet dat de tip naar hem te herleiden is, maar het mislukt faliekant. Endstra denkt dat Holleeder is getipt. "Holleeder kwam naar mij toe, hij zei: ‘Dit is het beste dat mij kon overkomen, ik ben gearresteerd en meteen vrijgelaten.’ Zeegers: "Vanaf dat moment is hij nog voorzichtiger geworden." Ook bracht hij allerlei stukken onder bij notarissen, voor het geval hem iets mocht overkomen.

Plooij: Hield hij er rekening mee dat hij vermoord zou worden?

Zeegers: Dat heeft hij mij glashelder duidelijk gemaakt. Ik denk vanaf de tweede helft van 2002.

Plooij: "Holleeder zei altijd dat Endstra zijn grootste vriend was. ‘Met Holleeder als vriend hoef je voor niemand bang te zijn... Behalve voor mij.’"

Zeegers: Zo heb ik dat van Endstra gehoord. Hij deed het voor. Hij ging tegenover mij staan, legde zijn handen op mijn schouders en zei dat. Dat vond ik heftig.

Plooij: Waren er mensen die hem naar het leven zouden staan?

Zeegers: Er was een incident geweest met Cor van Hout. Hij had kogelvrij glas laten aanbrengen, zijn sportwagens ingeruild voor een gepantserde BMW die hij altijd binnen parkeerde.

In 2000 was de vriendschap tussen Endstra en Holleeder nog goed. Zeegers: "Kort na 2000 vertelde Endstra wel eens, zonder namen te noemen, dat hij werd afgeperst, dat mensen niet vrijwillig bij hem investeerden. Hij had het over IJmuiden. "Willem Holleeder heeft hem mooi van het terrein afgeschopt," zei hij. Hij was ook behoorlijk geschrokken van het incident met Cor van Hout, waarbij hij was bedreigd met een pistool."

In december 2002 had Endstra in het Amsterdamse bos te horen gekregen dat dit zijn laatste kerst zou worden. Zeegers: Hij zei: "Ik heb nog twee weken te leven". Het was regelmatig: "Ze gaan me weer doodschieten" en "Ach Bram, ik kan Willem Holleeder maar beter betalen, ik kan het geld toch niet meenemen in mijn graf." Dat waren serieuze opmerkingen, dat was geen koffiepraat.

Plooij constateert dat Endstra ondanks de bedreigingen een flegmatieke indruk maakte. Zeegers: "Hij had een grote mate van zelfbeheersing, hij kon zijn eigen situatie goed objectiveren." Wat niet betekent dat hij een "ijskoude, keiharde kerel was": Zeegers noemt twee voorbeelden van dingen waar hij wél emotioneel van werd. Hij had een boek gelezen over het verzet in de Tweede Wereldoorlog, een NSB’er die joodse Nederlanders had verraden, als hij langs het huis in de Beethovenstraat kwam waar zich dat had afgespeeld, dan deed hem dat wat. En hij kon een vlinder op zijn vinger zetten en naar de tuin brengen om hem vrij te laten. Plooij vraagt of Endstra vijanden had in de vastgoedwereld.

Zeegers: Het was een charmante man, de gesprekken met andere vastgoedmensen leidden niet tot levensbedreigend situaties. En hij was niet bang. Er zaten krakers in een pand van hem, daar stapte hij gewoon naar binnen en vroeg hij: "Waar zijn jullie nou mee bezig?" Met droge humor kon hij iemand aan het lachen brengen en de spanning weghalen. Hij hoefde ook nooit het onderste uit de kan.

Plooij: "Je kan Wim niet belazeren, tenzij hij je vertrouwde, dat was zijn valkuil."

Zeegers: Hij was een soort Klaas Jan Huntelaar: met de rug naar het doel toch scoren, hij kon altijd een draai maken. Als zakenman was hij erg goed, je kon hem geen knollen voor citroenen verkopen. Maar met zijn vriendschappelijke kant was hij totaal niet zakelijk. Hij was een keer met Anita in Thailand geweest, ze hadden daar een vrouw ontmoet die een kind had gekregen, hij heeft dat kind financieel geadopteerd. Toen we in 2003 in Israel waren zijn we de eerste ochtend naar het strand geweest, belde die vrouw uit Thailand op, heeft hij een half uur naar haar verhaal geluisterd. "Pff, wat een gezeur, waar ben ik aan begonnen," zei hij. Hij had dan zijn zakelijke verdediging laten zakken, dan was hij niet meer de zakenman maar de vriend. Als je dan verkeerde bedoelingen had...

Plooij: U vond dat in bepaalde opzichten naïef?

Zeegers: Ja, dat heb ik van meer mensen gehoord. In mei of juni 2003 waren we op weg naar Hoofddorp, toen zei hij tegen mij: "Hoe kan die Willem Holleeder zo tegen mij zijn? Ik heb hem toch nooit iets kwaads gedaan?" Dat kon hij niet geloven. Er was toen al een afpersing geweest. Ik vond het een onvoorstelbaar naïeve opmerking.

Vervolgens gaat over de hoek waaruit de bedreigingen komen. Zeegers noemt Holleeder, Mieremet, de Juliet-bende, Ronald van Essen en Ton van Dalen. Plooij zegt dan: U heeft verklaard dat Endstra goed kon liegen, om vrouwen uit elkaar te houden en om te verhullen dat hij contacten in het criminele milieu had.

Zeegers: Hij ontkende glashard dat hij relaties had in het criminele milieu. Hij heeft ook een keer verteld van contacten met de Hells Angels. Dat klopte ook niet. Als je hem een keer tegenkwam, kon hij je met een leugen afschepen, hij sjoemelde met de waarheid. Ook tegenover mij gaf hij niet toe dat hij contacten had met criminelen. Hij vertelde er zo weinig mogelijk over. In december 2003 moest er een groot geldbedrag komen, in februari 2004 heeft hij dat betaald. Dat had hij gekregen van Jalink. Jalink was iemand uit de organisatie van Mink Kok. Ik wist wel dat hij contact had met Mink Kok.

Plooij: "Hij gebruikte liegen functioneel."

Zeegers: Als hij een afspraak met een crimineel had, vertelde hij dat niet tegen mij. Hij loog vaker, als hij dacht: dat komt mij op dit moment goed uit.

Plooij: Wat moest hij met die criminelen, waarom ging hij daarmee om?

Zeegers: Ik ken hem als iemand die makkelijk is met regeltjes. Wit geld, zwart geld, grijs geld. De pest aan justitie. Een thrill-seeker. Ging hij karten met zijn zoon, vloog hij uit de bocht en brak hij zijn ribben. Hij vond het gewoon spannend. Als het over de Hakkelaar ging, zei hij: daar heb ik vroeger auto’s aan verkocht, op het Stadionplein. Dat vertelde hij tijdens het proces tegen de Hakkelaar. Hij vertelde ook wel eens wat over Wijsmuller. Hij had een kleine groep besmette contacten.

Rechter: Kwamen de bedreigingen uit één richting?

Zeegers: Ik heb het altijd ervaren als van meer kanten dan alleen van Holleeder. Op de avond van de moord zei Trix (de zuster van Willem Endstra): "Nou, we weten allemaal wie dit heeft gedaan." Toen dacht ik: dat weet ik nog niet zo zeker. Ik zag wel duidelijk verband tussen de afpersingen en de moord. Maar als Endstra Mieremet niet betaalt, wat is dan de sanctie? "Als je mij bedondert, word je vermoord."

Plooij: Na de dood van Endstra kwamen de claims. Mike Jalink. Anderen die geleend of geïnvesteerd geld hebben geclaimd?

Zeegers: Van Michael Pen (geen familie van advocaat Jurjen) zijn er claims gekomen. Haico was naar de gevangenis gegaan, naar een crimineel die geld wilde.

Holleeder vraagt: Zijn de Erven Van Egel bij u geweest? (onduidelijk wie hij bedoelt, het klonk zo, maar ik kan er niks over vinden, HJK)

Zeegers: Nee. Harry Pen is wel geweest, hij had een min of meer normale claim. Hij is de oom van Michael Pen.

Plooij: Wie hadden er nog meer geld te goed?

Zeegers: Michael Pen, Jalink, een groep Colombianen die in Spanje zaten. Er zou ook geld naar Ronald van Essen gaan. In Spanje zat een man die die financiële probemen van Van Essen zou afwikkelen, een zekere Henk.

Plooij: Wie nog meer?

Zeegers: Mieremet. Die heeft na de moord op Endstra nog geprobeerd geld los te krijgen van Haico.

Plooij: Mink Kok?

Zeegers: Weet ik niet.

Plooij: Klepper?

Zeegers: Er was een incident in oktober 2002, waarbij Sandra Klepper meende dat ze geld te vorderen had.

Plooij: Willem Holleeder heeft vrklaard dat Endstra in de jaren negentig tientallen miljoenen heeft aangenomen van Klepper en Mieremet. Wat was u daarvan bekend?

Zeegers: Absoluut niets. Hij sprak daar met heel weinig mensen over.

Plooij: U weet ook niet of het zo is.

Zeegers: Nee.

Plooij: Was u wel bekend met de investering van Ria Eelzak, met de aankoop van California Properties?

Zeegers: Dat heb ik in 2002 gehoord. Als we over Ria Eelzak praatten, in de ogen van Endstra was dat gewoon Mieremet.

Uit de stukken blijkt dat Ronald van Essen enkele tientallen miljoenen had geïnvesteerd. Toen hij die opeiste, werd hij neergeschoten, op 26 december 1999. Hij werkte samen met Ton van Dalen. Van Essen overleefde, maar raakte blijvend invalide. Hij zou zijn geld wel hebben teruggekregen. Ron N. uit Breda had 25 miljoen belegd bij Endstra, toen hij zijn geld opeiste werd er een mislukte aanslag met een autobom op hem gepleegd door twee stromannen van Endstra, de gebroeders Rob en Erik Driesen. N. ontdekte dat en schoot de broers dood. Voor het opeisen van het geld was Ron N. met Holleeder in contact gekomen. Ton van Dalen zou ettelijke miljoenen hebben geïnvesteerd in onroerend goed in Amsterdam-Zuid. Plooij: Holleeder heeft verklaard dat Willem Endstra hem in de tweede helft van de jaren negentig heeft ingezet als spreekbuis tussen Klepper en Mieremet, "omdat meneer Endstra die mensen niet op kantoor wilde hebben."

Zeegers: Dat is mij niet bekend. Ik heb wel een keer contact gehad met Bram Moszkowicz over de frequente aanwezigheid van Willem Holleeder in de nabijheid van Willem Endstra. Die zei: "Dat houdt bepaalde types bij hem weg." Endstra heeft in algemene zin wel eens gezegd dat hij een zekere bescherming voelde van Holleeder tegenover lastige types.

(vervolgens gaat het over de afluisterapparatuur in het kantoor aan de Apollolaan en over de rol van Harry Pen, vastgoedman te Noordwijk).

Plooij: Harry Pen zou Willem Endstra een bedrag van 22.000 euro hebben geleend voor een reis naar Israel. Verbaasde het u niet dat hij hiervoor bij Harry Pen aanklopte?

Zeegers: Endstra had op 10 mei 2004 totaal geen liquiditeit in Convoy, iedereen zat te wachten op de hypotheek van Mega Sport. Dat zou op 19 mei komen. Er was gewoon geen cent.

Plooij: Waarom verkocht hij dan geen pand?

Zeegers: Dat was niet zo makkelijk, hij was in opspraak geraakt, "kijk uit met zakendoen". De banken wilden de aflossing, er werden geen kredieten verstrekt en hij zat in een strak betalingsschema: de afpersingen gingen gewoon door. Op 29 april was er een betalingsregeling met Holleeder opgelost, maar hij moest Mieremet nog betalen. De situatie was penibel, hij had de financiering van het Kurhaus niet rond gekregen, hij was een dubbele verplichting aangegaan. Hij had Mieremet toegezegd aandelen van het Kurhaus te geven, maar ook aan een Israelische familie. Er waren dagen dat hij geen duizend euro op zijn rekening had.

Holleeder: Bram!

Zeegers: Willem!

Holleeder: Bram. 35 miljoen. 20 miljoen. En dan moet hij 22.000 euro lenen?

Zeegers: Ik heb het zelf meegemaakt. Ik had gevraagd: kun je mij even duizend euro lenen? We gingen naar de ING-bank, stond er maar 700 euro op de rekening. Het meisje zei: ik wil wel even bellen of u even rood mag staan. Dat vond ik nogal schokkend. Als je zag waar hij in de Quote stond.

Holleeder: In de periode waar Bram over praat heeft hij ook geld aangenomen van criminelen.

Zeegers: Dit was enkele weken voor de reis naar Israel.

Rechter: Had hij geen creditcards?

Zeegers: Hij had geen kredietruimte. Hij was elke maand bezorgd als de afrekening van de partnercreditcard binnenkwam, of hij dat nog wel op kon brengen. Hij had een conflict met de Abn/Amro, tot en met de spaarrekening van zijn dochtertje van zeven. De Rabobank wilde hetzelfde doen. Vooral dat van de Abn greep hem aan. Dat er twee mensen langskwamen om te zeggen dat de relatie beëindigd was. Alle relaties en alle bedrijven.

Rechter: Harry Pen ving de klappen op?

Zeegers: Hij had een opgezwollen hand. Iemand had in een boos gesprek een flesje Spa of cola op zijn hand geknald. Iemand van de Juliet-bende.

Rechter: Wat zei Endstra?

Zeegers: Hij reageerde niet geschokt. Heel lauw. Niet zoals een gemiddelde Nederlander.

Plooij: Anderhalve week voor de dood van Endstra had hij een busje bij zijn kantoor zien staan. Een ‘Turkenbusje’.

Zeegers: Ik heb het gehoord.

Plooij: Terwijl u even buiten liep zei Endstra: het staat er voor Holleeder. Er zat iemand in.

Plooij: De vennootschap Finoren was een soort pensioen voor uzelf? Er zat vier miljoen in, alle liquiditeit was richting Holleeder gegaan.

Zeegers: Twintig procent was van Leijenberg BV (van Maike Dijkhuis). Wim vertelde dat dit de participatie van Willem Holleeder was. Ik maakte me daar ook zorgen over. Wim zei: Ik heb Holleeder daar voor een schandalig bedrag voor uitgekocht. Naderhand werd me duidelijk dat het zo zat: twintig procent Leijenberg, dertig procent Convoy, twintig procent Carla de Groot, de ex-echtgenote van Endstra en dertig procent van mij.

Advocaat Kuijpers: Hoe hoog was dat ‘schandalige bedrag’?

Zeegers: Dat weet ik niet.

Kuijpers: Hoeveel was dat van u waard?

Zeegers: Ik had het in 1999 gekocht, voor negen ton (in euro’s)

Plooij: Heeft u Holleeder en Endstra de laatste drie jaar nog wel eens samen buiten de deur gezien?

Zeegers: Nee, daar ben ik niet bij geweest, ik heb wel gehoord dat ze gezien zijn.

Plooij: Hoe gedroeg Endstra zich?

Zeegers: Ontwijkend.

Plooij: Heeft u Willem Holleeder nog ontmoet?

Zeegers: Ik heb hem niet meer gezien, behalve als hij met een helm op bij de deur stond.

Holleeder: We hebben dezelfde broodjeszaak!

Zeegers: Dat was na de moord.

Plooij: "De Antillenroute. Paarlberg zit er tot zijn nek in. Joop van der Haar zegt: Dan hebben ze de Antillenroute te pakken." Maar hij ontkent dat hij de Antillenroute heeft genoemd.

Zeegers: Ik ben daar pertinent zeker van. "Ha, dan hebben ze de Antillenroute te pakken." Het was op zijn kantoor. We hoorden dat Paarlberg gearresteerd was, toen zei hij dat.

Plooij: "Endstra betaalde 32 miljoen euro aan Willem Holleeder." Het gaat over sporttassen met geld die uit de woning aan de Diepenbrockstraat zijn gegaan. Anita Schuts zegt dat er wel eens geld is gegeven, maar niet in een sporttas. ‘Sporttas’ was een term van Joop van der Haar, misschien vond Anita het geen sporttas.

Rechter: Om wat voor bedragen ging het?

Zeegers: Dertig-, veertig- en vijftigduizend euro.

Rechter: Waarvoor?

Zeegers: Dat weet ik niet.

Plooij: Weet u waarom Wijsmuller en Endstra in 1999 uit elkaar gingen?

Zeegers: Dat was op initiatief van Endstra. Hij vond dat Wijsmuller ontzettend stom bezig was met vissersschepen voor de kust van Nigeria, Liberia, in elk geval een of ander eria. Dat was een smoes om drugs Nederland binnen te krijgen. Endstra vond dat supergevaarlijk en wilde er niks mee te maken hebben. Ze bleven wel vriendschappelijk met elkaar omgaan, maar het waren geen zakenpartners meer.

Op 16 mei 2004 zit Willem Endstra bij Harry Mens in het programma Business Class. Hij liegt tegen de klippen op, er is niks waar van alle aantijgingen. Als ze na de uitzending terugrijden naar Amsterdam zegt Zeegers tegen Endstra: hoe kan jij nog normaal slapen? Endstra zegt: "Ik slaap elke nacht zodra ik mijn hoofd neerleg." Hij vertelt dat hij het maar één keer echt moeilijk heeft gehad en dat was de bedreiging op het kantoor van advocaat Bram Moszkowicz, waar hij na kantoortijd was uitgenodigd. "Tot mijn schrik stond er een stelletje Joegoslaven, één met een Kalashnikov, die mij geld hebben afgeperst. Holleeder kwam daar later bij om de zaak te sussen. Toen we daarna buiten liepen, zei hij: ‘Met mij als vriend hoef je voor niemand bang te zijn... Behalve voor mij.’ Achter het bureau van Moszkowicz zat Paja M."

Rechter: Heeft hij gezegd wie van de Joego’s die Kalashnikov had?

Zeegers: Ik dacht Paja. Het kwam mij onwaarschijnlijk voor. Later heeft hij gezegd dat er een pistool tegen hem aangedrukt was. Endstra hield wel van een stoer verhaal: een Joego met een pistool wordt dan een Joego met een Kalashnikov, maar hij kwam niet met een compleet verzonnen verhaal. Hij heeft ook wel eens met een pistool op een autoruit geschoten om te kijken of hij kogelwerend glas was. Hij heeft in de jaren negentig een pistool in huis gehad. Hij wilde zich niet als een hond laten doodschieten.

 

 

Kan het zijn dat Bram Zeegers net doet of hij ruzie heeft met de erven Endstra (Haico) over geld dat hij nog te goed heeft! Om zo te laten zien dat hij het zijn plicht vind en het niet voor de erven doet!
Hierboven staat: Zeegers: In de periode na de moord op Willem Endstra heb ik op verzoek van Haico Endstra (broer) een aantal zaken behandeld.

Had ie toen ook al gezegt dat ie geld tegoed had? Of is het een spelletje tussen de erven en Zeegers!

Geplaatst door: broer | 3 oktober 2007 om 19:49

Hoi ik kan niet goed ontdekken wat je hebt toegevoegd aan gister?

Geplaatst door: Rob | 3 oktober 2007 om 22:53

Over het twistpunt van Justitie en OM dat Endstra wel of niet wist dat er werd afgeluisterd in de keuken vind ik een interessant onderwerp.

In de verklaring van Zeegers is te lezen dat Endstra op de hoogte was van afluisterapparatuur
("Dit is het Big Brotherhuis, wees voorzichtig met wat je zegt." Hij had met zijn eigen camera gezien dat de politie de inkijkoperatie deed (die beelden waren te zien bij Peter R. de Vries, HJK)

Beste DR,

ik heb van Kuijpers inmiddels begrepen dat Endstra wel wist dat er ook in de keuken werd afgeluisterd, vandaag wordt Vincent Heus als getuige gehoord, die heeft de boel daar geïnstalleerd.

Hendrik Jan


Geplaatst door: DR | 4 oktober 2007 om 10:03

Inmiddels is Vincent Heus gehoord en dit lijkt me ten goede te komen voor de verdediging. Lijkt nu behoorlijk vast te staan dat Endstra afwist van de verborgen apparatuur.

Even omtrent de verklaringen van Zeegers; hier wordt meerder malen aangegeven dat vanuit de hoek Mieremet 'afgeperst' wordt.... maar aantoonbaar is dat Endstra heeft geinvesteerd met middelen van Mieremet. Dus als deze zijn geld (investering) wil terug zien kan je dan spreken van 'afpersing'.

Ik wacht met smart op het vervolg van de verklaringen.

Mvg,
DR

Beste DR,

Ik heb de indruk dat het OM er niet zo van overtuigd is dat Endstra wist van die microfoons in de keuken, getuige Heus leek wel erg 'voorgekookt'. Je kunt je ook moeilijk voorstellen dat hij het wist, gezien zijn uitlatingen over tal van transacties en personen.

Hendrik Jan

Geplaatst door: DR | 5 oktober 2007 om 11:54

ik lees ergens:

...zucht... en dan ook nog hebben over Houtman, dat ie één of ander pand niet mocht kopen omdat het van Endstra was en dat mocht niet van Holleeder of zo?

en dan aan Zeegers vragen als die zegt dat Endstra geen cash meer had: Waarom verkocht hij dan geen pand?

eikels :-)

Geplaatst door: Jan | 6 oktober 2007 om 18:21

Het was pas na Endstra's dood dat Houtman werd verteld, waarschijlijk door Holleeder zelf, dat hij dat pand beter terug kon verkopen, nadat hij het dus eerst al gekocht had. In de tijd dat Endstra geld nodig had waren er niet veel mensen meer die zaken met hem wilde doen vanwege zijn status, en dus was het lastig om stenen om te zetten in geld.

Geplaatst door: Jay | 6 oktober 2007 om 19:06

hostName = '.web-log.nl';