Header image  
logo2
logo3
 
 

Lennaert Nijgh, meisje in Engeland

lennaertnijgh

(uit november 2002)

JOKE, DE GROTE LIEFDE VAN LENNAERT NIJGH

*'Joke is een trut'

*'Meisje in Engeland' was zijn Grote Liefde

*'Het blonde meisje uit de Haarlemse Waag'

Ze heet Joke, ze komt uit Haarlem, woonde in De Waag en verhuisde naar Engeland. En ze is Grote Liefde van de vorige week overleden Lennaert Nijgh. Hoe leuk is het om de Grote Liefde van een tekstdichter te zijn, en in liedjes voor te komen die miljoenen Nederlanders na aan het hart liggen? 'Bedriegen ligt nu eenmaal in jouw stijl, je hebt je in 't geheim aan mij geschonken, maar 't is toch wel beneden alle peil...'

'Maar mijn persoonlijke leven had een heel andere wending genomen, ik proefde voor het eerst de échte liefde. Met Joke, het blonde meisje uit de Haarlemse Waag. En Bo en ik hadden onze eerste echte hits: 'Meisje van Zestien' en 'Meneer de President, Welterusten'. Daar kwam Claus dan ook nog eens bij. Het was allemaal een beetje veel, als u begrijpt wat ik bedoel.'

Schreef Lennaert Nijgh in oktober 2002 in zijn vaste column in het Haarlems Dagblad, naar aanleiding van het overlijden van prins Claus. Het is een van de weinige keren dat 'Joke' ter sprake komt, het meisje dat hem inspireerde tot de meeste romantische liedjes over de Onbereikbare en De Grote Liefde. 'Joke' is ook het 'Meisje in Engeland', van de elpee die de comeback betekende van Rob de Nijs. Lennaert Nijgh schreef de teksten, Boudewijn de Groot zorgde voor de muziek van de elpee 'In de uren van middag', waarop ook 'Jan Klaassen de trompetter', 'Malle Babbe', 'Tegen beter weten in' en 'De avond' staan. Het laatste nummer ('Ik geloof in jou en mij') is recent door Boudewijn de Groot zelf opgenomen.

De elpee 'In de uren van de middag' staat voor een belangrijk deel in het teken van 'Joke': de titel is ontleend aan de eerste regels van het lied 'Meisje in Engeland' (Dit is misschien geen lied voor jou, dit is misschien te laat geschreven. Maar ik bleef hier in dit land van kou, en waar ben jij gebleven?')

Joke bleef in Engeland en Lennaert Nijgh heeft altijd gezegd: als we 70 zijn, gaan we trouwen. Ooit hádden ze een relatie, maar op basis van wat hij er zijn teksten over schrijft is het natuurlijk moeilijk na te gaan hoe het in werkelijkheid is geweest: dichterlijke vrijheid kan luisteraars of lezers soms erg op het verkeerde been zetten. Maar het is wel intrigrerend te zien wat Lennaert en Boudewijn er zelf over naar buiten hebben gebracht.

In een artikel uit 1966, naar aanleiding van de elpee 'Voor de overlevenden', beschrijft Lennaert Nijgh zelf hoe hij met de tekst van 'Beneden alle peil' (prinsheerlijk lig je in een anders bed en maakt hem met je lichaam dwaas en dronken, wat in geen enkel opzicht jou belet, achter zijn rug om weer naar mij te lonken') bij Boudewijn de Groot aankwam. Nijgh schrijft: 'Heeft Boudewijn de tekst tot zich genomen, dan velt hij zijn oordeel. Of hij zegt: 'Ja, zozo. Zeer zeker.', of: 'dit zing ik niet.' Is het laatste het geval, dan ontspint zich een verhit debat tussen de zanger en de tekstschrijver (aangeduid met hun koosnaampjes Bo en To, red.) meestal in deze geest:

Bo: Dit kan niet, To. Zoiets doet een vrouw niet.

Ik: Maar Joke deed het bij mij wel.

Bo: Joke is een trut.

Ik: Jij hebt geen mensenkennis. Jij bent getrouwd. Jij maakt nooit iets mee in dat nette huwelijkje van je.

Bo: Joke is een trut.'

Lennaert Nijgh had aan vriendinnen en vrouwen geen gebrek, maar 'Joke' bleef een verhaal apart, zijn grote inspiratiebron. Hij droeg een gedichtenbundel aan haar op en hij wilde haar als scriptgirl voor de film waar hij mee bezig was, maar waar niet veel van terechtkwam. 'En vriendinnen? Ah, ze zijn er bij de vleet. Maar de Liefde met 'n hoofdletter is voor Lennaert Nijgh een heel ander hoofdstuk. Een probleem dat zijn diepste wezen beroert. De naam van het probleem is bekend. Zij heet Joke. Zij zal straks, als de camera gaat lopen, script-girl zijn.'

In een interview vertelde Boudewijn de Groot over deze Joke. 'Z'n eerste grote liefde, toen heeft-ie een mooie tijd gehad met dat meisje. Een periode van groot geluk, dat heeft enorm op hem ingewerkt, dat werkt nu nog steeds bij hem door. Eerst de rozegeur en maneschijn en toen het uitraakte, heeft ie er ook nog enorm op geleefd. Toen is alles tegen gelopen, ook op het gebied van film, daar heeft hij een hele tijd enorme klachten over gehad. Hij woont nu nog steeds thuis, hij heeft behalve toen hij met dat meisje was, altijd in dat milieu gezeten. Hij vindt het rustig thuis, geen sores. Leeft in twee werelden.'

Sinds vorige week is aan die twee werelden, als ze er nog waren, in elk geval een eind gekomen. Na een kort ziekbed stierf hij, 57 jaar oud. In zijn mooiste lied, 'Tegen beter weten in', schreef hij: 'Wanneer ze zeggen: eens wordt alles liefde,

en eens dan worden alle mensen één

en er is geen einde aan het laatste einde,

er is alleen een eeuwig nieuw begin

dan zal ik daar onmiddellijk in geloven

tegen beter weten in.'

Meisje in Engeland

In de uren van de middag

als de zon naar het westen draait,

zou hij jou dan kunnen zien

daar in de heuvels?

Met je haren als een sluier,

goud dat in de wind verwaait,

met een varen in je handen

langs het Meer van Ambleside.

Als misschien de grijze deken

van de regen openwaait

en het bergland wordt nog groener

langs het Meer van Ambleside,

zou jij dan nog dezelfde zon

als ik zien schijnen?

Dit is misschien geen lied voor jou,

dit is misschien te laat geschreven.

Maar ik bleef hier in dit land van kou

en waar ben jij gebleven?

Jaren later zijn de gaten

in mijn geest nog niet gedicht.

En ik kijk er nog doorheen

naar het land van vroeger

waar we liepen in de regen,

samen in het groene licht.

Ik hield al mijn domme aandacht

veel te lang op jou gericht.

En ik zag de hete tranen

van de wind op je gezicht.

Toen ik jou voorzichtig kuste

hield je stijf je ogen dicht.

Met de trein ben ik voorgoed

van jou vertrokken.

Dit is misschien geen lied voor jou,

dit is misschien te laat geschreven.

Maar ik ging terug naar dit land van kou

en jij bent daar gebleven.

Op een warme zomeravond

met mijn vrienden en mijn vrouw,

komt jouw brief

dat je weer terugkeert in september.

En op deze warme avond

sluit ik het venster voor de kou.

Uit het westen komt de regen

en de lucht wordt kil en grauw.

En ik vlucht weer naar mijn vrienden

in het huis waarvan ik hou.

De allerlaatste vlinder

speld ik op mijn eigen mouw.

Laat dit feest

tot in de vroege ochtend duren.

Dit is misschien geen lied voor mij,

dit is misschien te laat geschreven.

De tijd die komt, die gaat voorbij,

maar waar ben jij gebleven?

Büch, Nijgh en Blond

Ze stierven kort na elkaar: Boudewijn Büch en Lennaert Nijgh. Allebei bevlogen schrijvers, voor wie de 'literaire werkelijkheid' heel anders was dan de realiteit in het gewone leven. In de 'literaire werkelijkheid' speelt bij beiden een persoon met blond haar de mysterieuze hoofdrol. Bij Boudewijn Büch gaat het om Micky, zijn zoontje dat op zesjarige leeftijd overleed en over wie hij zijn meest succesvolle roman 'De kleine blonde dood' schreef. Maar heeft Micky wel bestaan, heeft Boudewijn Büch wel een zoontje gehad en wie is dan de moeder? Een van de broers met wie Boudewijn geen contact had, Patrick, vertelde enkele jaren geleden dat bijna alles wat Boudewijn over zijn jeugd, zijn vader en zijn familie heeft geschreven en verteld, gelogen was. Dus niet alleen wat hij in romans gebruikte, maar ook wat hij in interviews zei was volgens de rest van de familie onzin. Volgens hen was Boudewijn 'een pathologische leugenaar.' In het programma van Barend en Van Dorp daarentegen vertelde de huisvriendin van Boudewijn dat Micky wel degelijk echt heeft bestaan.

Het andere Blonde Mysterie is de 'Joke' van Lennaert Nijgh. Ook zij zal in werkelijkheid een heel andere figuur zijn dan zoals zij in veel van de romantische teksten van Nijgh naar voren komt. In beide gevallen hoe dan ook: voer voor toekomstige biografen, die ongetwijfeld het verschil tussen feiten en fantasie zullen ontrafelen.

 

Waarom staat in dit overigens leuke artikel nergens de naam van ASTRID NIJGH?
ZIJ schreef de prachtige muziek bij de geweldige tekst 'Meisje in Engeland', NIET BOUDEWIJN!
De helft van de composities van de LP 'In de uren van de middag' van Rob de Nijs zijn van de hand van Astrid, ook 'Tegen beter weten in'.
Vriendelijke groeten,
Frank

Beste Frank,

ik wist het niet. Ik heb zelf die oude elpee nog ergens, maar het was mij nooit opgevallen. Dank voor de aanvulling.

Hendrik Jan

Geplaatst door: Frank A. Jochemsen | 4 juni 2007 om 19:51

Bij toeval kwam ik op deze site en tot mijn verbazing las ik dat artikel wat al 40 jaar in mijn gedachten is, nl dat mijn vroegere buurmeisje Joke P. in al zijn liederen word genoemd.
In de jaren 60 was Joke heel erg bevriend met Lennaert en Boudewijn ten tijde dat zij een film probeerde te maken op het strand bij IJmuiden waar een schip gestrand was.
De Waagh en het Goede uur in Haarlem waren de plaatsen waar zij veel vertoefde.
Joke verdween ook naar Engeland in de jaren 60.
Joke was namelijk mijn buurmeisje en ik was toendertijd bevriend met haar broer.
De persoon die mijn bovenstaande verhaal kan bevestigen is natuurlijk Boudewijn.

Geplaatst door: E.Haarbosch | 14 juli 2007 om 21:53