Header image  
logo2
logo3
 
 

Rijsbergen: bondscoach tussen de kogels

"Wim". In Trinidad & Tobago is dat genoeg, dan weet iedereen dat het over de bondscoach gaat. Oud-Feyenoordspeler en international Wim Rijsbergen moet het Caribische landje klaarstomen voor de Wereldkampioenschappen Voetbal 2010, in Afrika. Volgend jaar beginnen de selectiewedstrijden. Of hij de finish haalt? "Dat weet je nooit. Het is een heel andere situatie dan in 2006, met Beenhakker." Een van de problemen: er is eigenlijk nog geen elftal en de jongens die er wel zijn, moeten nogal eens bukken. Voor kogels.

rijsbergen
(Foto: Rijsbergen op de perstribune in Port of Spain, tijdens een schooltoernooi)

"Dit is toch práchtig?" Met een brede armzwaai loopt Wim Rijsbergen naar buiten. In een restaurant aan de haven van Chaguaramas hebben we de geneugten van de Trinidadse keuken geproefd. Nee, dit keer geen haai. En gepraat. Over van alles en nog wat. Over zijn strooptochten door de Zwolse binnenstad met top-kok Jonnie Boer van De Librije, een goede vriend van hem. Over muziek. Over eten. Over misdaad. In deze haven, Pier 1, werd in januari 2005 een 61-jarige Nederlander aangehouden met 5 kilo heroïne, in een boot die eigendom was van de minister van toerisme. Over drugsbendes op Trinidad: gemiddeld één moord per dag, op een bevolking van 1,3 miljoen. Over musea. Over Leiden, de stad waar hij geboren en getogen is en waar hij je alles over kan vertellen. Over hardlopen. Er is eigenlijk maar één onderwerp dat niet aan de orde is gekomen: voetbal. Dat hadden we al besproken en er is meer in het leven dan voetbal.

In 2005 was een verslaggever van Panorama ook al op Trinidad & Tobago. De vlam was daar in de pan geslagen nadat het uit twee eilanden bestaande Caribische staatje zich tot ieders verrassing had geplaatst voor het WK Voetbal in Duitsland, onder leiding van bondscoach Leo Beenhakker en assistent Wim Rijsbergen. Toen was ‘Don Leo’ in geen velden of wegen te bespeuren: hij moest vaak weg, ook om uit alle hoeken en gaten geschikte spelers te mobiliseren. Met succes: op het WK werd het gelijkspel tegen Zweden als een overwinning gevierd, in de cruciale partij tegen Engeland ging het diep in de tweede helft toch nog mis.

Rijsbergen: "We hebben geen kansen gehad, maar we zijn ook niet afgegaan." En daarmee was de doelstelling van de grote baas, Jack Warner, ruimschoots gehaald. Na het WK haalde hij Rijsbergen naar Trinidad, als opvolger van Beenhakker.

Warner, vice-president van het machtige Fifa, is een veelbesproken man. Er verschenen boeken over hem: ‘Zero to Hero’ (van niets tot held) en ‘Fraud’. Over dat laatste gesproken: in de week dat we bij Rijsbergen in Trinidad zijn, staat Warner pontificaal in de krant (foto rechts). Hij moest in Zürich bij de hoogste baas op het matje komen vanwege grootschalig gesjoemel met WK-tickets. Hij komt er genadig af: het was allemaal via het reisbureau van zijn zoon gegaan, daar kon pa niks aan doen.

Rijsbergen: "Voor Warner was deelname aan het WK een prestige-kwestie. Hij zat al jarenlang in de Fifa, maar zijn landje had zich als enige nog nooit gekwalificeerd. Toen er voor 2006 een kans lag, heeft hij die met beide handen aangegrepen. Maar we moeten reëel zijn: de kans dat dit een tweede keer lukt, is niet heel groot. Bovendien weet je niet hoe ver men nu wil gaan: Warner heeft heel veel andere dingen aan zijn hoofd, hij zit ook in de politiek en in het zakenleven. Ik hoop dat we een beetje tijd krijgen om iets op te bouwen, maar dat weet je nooit, het kan hier zomaar veranderen. Er was afgesproken dat de regering geld beschikbaar zou stellen. Daar wordt wel veel over gepraat, maar er is nog niks van gekomen. Warner kan ook zeggen: ‘Ik kap ermee’ en dan is het voor ons afgelopen."

Maar voorlopig heeft Rijsbergen het met zijn assistent Jan van Deinsen (oud-NEC-speler die ook nog bij Feyenoord actief was) uitstekend naar zijn zin. "Er is hier heel veel te doen. We moeten helemaal van onderaf aan beginnen. Bij het afgelopen WK konden we een beroep doen op Dwight York en Russell Latapy. York is van Tobago. Hij speelde bij Manchester United. Latapy is van Trinidad, hij speelde onder anderen bij Fc Porto."

Beide vedetten hadden zich al jaren niet meer beschikbaar gesteld voor het nationale team, er was veel gedoe over geld en de organisatie rammelde. Rijsbergen: "Het was voor ons duidelijk dat we hen als drijvende krachten nodig hadden. In een laat stadium zijn we erin geslaagd hen er toch nog bij te halen. We hadden het oudste elftal van het WK."

Het valt allemaal niet mee. In het immense sportcomplex van Port of Spain, de hoofdstad van Trinidad, zien we het team van T&T onder twintig winnen van het team van Jamaica, met 1-0, een belangrijke selectiewedstrijd. Het is helaas niet genoeg: een week eerder hadden ze op Jamaica met 0-2 verloren. "Dat is een belangrijk deel van ons werk hier: scouten, wedstrijden en toernooien bezoeken. In november zijn we in South-Caroline geweest bij een college-toernooi. Veel jongens studeren in de Verenigde Staten."

Grootste probleem is dat de lokale competitie zwak is. "Van begin december tot het carnaval ligt alles hier sowieso plat. Er zijn hier een stuk of tien profclubs, maar er is ook veel náást het voetbal. ‘Limen’ (eten en drinken op straat, meestal bij de auto, met vrienden) is hier erg belangrijk. De conditie van de jongens is niet best, daar moet ook veel meer aan gedaan worden. Als ze tegen een Europese ploeg spelen, krijgen ze na zestig minuten kramp. En het is lastig die buitenlandse talenten naar Trinidad te krijgen voor oefenwedstrijden: je bent afhankelijk van de Fifa-data en van de schoolvakanties."

Het voetbalgebeuren speelt zich vrijwel uitsluitend af op het ‘werkeiland’ Trinidad: Tobago is het bounty-eiland voor toeristen. Daar is het wel een stuk veiliger. Trinidad heeft sloppenwijken waar geen politieman zich durft te wagen. In de beruchte buurt Laventil, net buiten de hoofdstad Port of Spain, is het bijna elke dag raak. Ook het verkeer is verwoestend: in de week dat wij op Trinidad zijn, worden drie jonge meisjes op straat doodgereden door een dronken of stonede automobilist. Ontvoeringen zijn schering en inslag.

In diezelfde week is de vrouw van een piloot uit haar eigen huis ontvoerd, de onderhandelingen over het losgeld halen een paar dagen de krant. Soms keert de ontvoerde levend terug, soms niet. Rijsbergen: "Wij hebben hier de beschikking over chauffeurs. Is wel zo handig. Zo’n ongeluk als Danny Blind zal ons hier niet overkomen. We zetten ook wel eens jongens thuis af. Een van de chauffeurs zei: ‘Dit was één keer, maar nooit weer. Die wijk ga ik nooit meer in.’ We hadden pas een selectiewedstrijdje, daar was een ventje bij dat vijf kogelwonden had. Je hoort dus wel verhalen, er gebeurt wel eens wat, maar het is niet zo dat wij hier bukkend over straat gaan, het meeste speelt zich toch af in het drugsmilieu."

DE ‘ZWEMBADGENERATIE’

Wim Rijsbergen (geboren op 18 januari 1952) maakte de glorietijd van het Nederlandse voetbal mee, met twee WK’s (in 1974 en 1978). "We waren pas op Jamaica, dan blijkt dat er toch nog heel wat mensen zijn die de namen van alle Oranje-spelers uit die tijd kennen. Ze waren ook allemaal supporter van ons, door onze manier van voetballen. Je kan er verder niks mee, maar het is altijd wel aardig om te horen. Je wordt beoordeeld op wat je nu doet, niet op vroeger."

Bijna al zijn generatiegenoten uit die beroemde elftallen zijn nog actief in het voetbal, hetzij als trainer, scout of analist. "Volgens mij is Rob Rensenbrink de enige uitzondering, die was altijd al gek op vissen, die is het rustig aan gaan doen."

In de interviews met ‘de mannen van 74’ komt het ‘zwembadincident’ onvermijdelijk ter sprake. Rijsbergen: "Daar word je wel eens moe van. Veel mensen zullen altijd blijven gissen wat er gebeurd is, omdat niemand dat gaat vertellen. We vormden toen een redelijk hechte groep, daarom hebben we toen ook redelijk gepresteerd. Zoals een dokter niet over zijn patiënten praat, zo praten wij verder niet over dingen die in de kleedkamer gebeurd zijn, daar heeft niemand wat mee te maken. Wij hebben nog een aantal codes. Helaas, misschien, voor jullie. Iedereen heeft er allerlei mooie verhalen over geschreven maar niemand weet hoe het echt is gegaan. En ja, er was een zwembad in dat hotel. Het enige wat ik ervan kan zeggen is: het heeft wel de prestatie van het elftal beïnvloed. Aan de andere kant: als we gewonnen hadden, had iedereen gezegd: je moet elke dag gaan zwemmen. Dat is hetzelfde verhaal als met seks voor een wedstrijd, of een biertje drinken. Iedereen moet dat zelf ondervinden. Daarom is het ook wel aardig om ergens te zitten waar je niet de hele dag dat gezeur aan je hoofd hebt, niemand maakt zich hier druk over wat je doet."

TUSSEN PEC EN UTRECHT

Wim Rijsbergen begon zijn voetbalcarrière in het seizoen 70/71 bij PEC Zwolle. Van 1971 tot 1978 was hij basisspeler bij Feyenoord. Van 1979 tot 1983 speelde hij bij New York Cosmos. "Het is altijd mijn ideaal geweest om wat meer van de wereld te zien. Toen ik aan de opleiding als trainer begon heeft dat ook meegespeeld. Als voetballer heb ik met Feyenoord en het Nederlands elftal natuurlijk alles meegemaakt, maar bij New York Cosmos heb ik ook een geweldige tijd gehad, met de beste spelers van de hele wereld. Pele speelde soms mee, Frans Beckenbauer, en het sociale leven was er fantastisch."

In het seizoen 85/86 bouwde hij af bij Fc Utrecht. Een liesblesure maakte verder spelen onmogelijk. Hij was jeugdtrainer bij Ajax, vervolgens trainer bij verschillende Nederlandse clubs (NAC, Volendam, Groningen). In 1999 werd hij tariner in Chili, in 2004 ging hij samen met Beenhakker naar Mexico. "Toen we daar in 2006 weggingen, zeiden we tegen elkaar: we zien wel wat er gebeurt, als er wat leuks komt gaan we onze eigen weg. Toen belde Leo. Hij had contact met Jack Warner, van Trinidad, en vroeg of ik zin had mee te gaan."

Mevrouw Rijsbergen bleef in Leiden. "Het is niet altijd gemakkelijk, maar de kinderen zijn groot, af en toe komt zij hier en ik ga regelmatig terug. Voor haar is hier niet veel te doen. Het gaat natuurlijk wel in overleg. Ik had een prima aanbod van Colombia, maar dat zag mijn vrouw niet zitten. Als je als buitenstaander de krant leest, denk je dat het daar elke dag wildwest is, maar als je er woont heb je er niet veel last van. Ik heb ook vijf jaar in New York gewoond, dat schijnt ook een gevaarlijke stad te zijn, maar ik ben daar nooit overvallen."

rijsbergenkrant

Het leven in Trinidad bevalt Rijsbergen prima: het klimaat is prima, ’s avonds is het een graadje of 28 en kun je lekker buiten zitten, op je eigen terras of bij de cocktailbar. "In de landen waar ik ben geweest heb ik overal goeie kennissen, ik vind het zelf ook leuk om ergens anders te zitten. Als ik dan ook nog mijn vak kan uitoefenen, dan hoef ik niet per se Real Madrid te hebben getraind om te zeggen: ik heb een leuk leven gehad. Ik ben niet jaloers op Erwin Koeman, als coach van Feyenoord, dat lijkt me op dit moment geen pretje, dan zie ik liever hier het zonnetje schijnen."

Wat is een goede coach? Hoe kijkt Rijsbergen tegen zijn eigen functioneren aan? Dat Frank Rijkaard bij Barcelona zo aan de weg zou timmeren, nadat hij met Sparta was gedegradeerd, heeft ook menigeen verbaasd. Rijsbergen: "De combinatie is ook belangrijk. Henk ten Cate is een hele goede veldtrainer, daar heeft Rijkaard ook profijt van gehad. De combinatie Beenhakker-Rijsbergen was ook niet onaardig. Ik heb in ieder geval veel ervaring als speler en trainer, Beenhakker is – en dat heeft hij ook bewezen - een man die structuur kan aanbrengen, die weet waar hij over praat, die het goed kan verkopen. In Engeland werkt dat nog veel sterker: daar heb je een directeur en een aantal veldtrainers. Ferguson houdt de grote lijn in de gaten, hij staat misschien één keer in de week een beetje op het veld te kijken."

Rijsbergen nam Jan van Deinsen mee naar Trinidad. Van Deinsen had in Nigeria een slechte ervaring achter de rug, waar hij samen met Clemens Westerhof bezig was geweest met het opzetten van een voetbalschool. Maar als er ineens niet meer wordt betaald, zijn de mooie plannen snel voorbij. "Jan is een oud-collega van mij, uit de Feyenoord-tijd en ik had als trainer van NAC al met Jan gewerkt, ik weet wat hij kan. Hij was vrij, dus dat kwam goed uit. En het is hier ook wel zo prettig om wat aanspraak in het Nederlands te hebben, een beetje steun in een gebied waar alles een beetje los-vast aan elkaar hangt."