
In mei 2004 wordt Tinka van Rooij (27) uit Breda op een beestachtige manier vermoord. Het lijkt op een afrekening in het wiet-milieu, maar in werkelijkheid is de dader, Arno N., een behoorlijk gestoord figuur, die heimelijk smoorverliefd was op de mooie Tinka. Al twee keer eerder ging hij helemaal door het lint toen een vriendin de relatie verbrak. Toch slaagde hij erin tbs te ontlopen: hij weigerde mee te werken aan een psychiatrisch onderzoek. De vader van Tinka schreef er een boek over.
Op donderdag 27 mei 2004, de week voor Pinksteren, zitten Cees en Ria van Rooij op de camping in Zuid-Frankrijk. Ze willen bellen met dochter Tinka. Ze hebben een nieuwtje: Wilko I. is aangehouden op verdenking van betrokkenheid bij de moord op Ran Biemans. Het is een geruchtmakende affaire: Biemans was vermoord terwijl zijn vrouw Els naast hem in bed lag, maar zij had niks gemerkt. Wilko had een relatie met deze Els. Dat was allemaal erg verdacht. En Tinka kende Wilko: ze had bij hem in de sportschool in Zevenbergen gewerkt.

De familie Van Rooij belt sowieso vaak met elkaar, maar dit is toch wel een onderwerp waar ze ’t even over moeten hebben. Gek genoeg neemt Tinka niet op. Dat gebeurt niet vaak: ze is eigenlijk altijd bereikbaar, zeker voor haar ouders en familie. Het is het eerste signaal dat er iets niet helemaal in orde is, al is er vooralsnog geen enkele reden tot echte ongerustheid.
De volgende dag bellen Cees en Ria met hun andere dochter, Mariëlle. Zij heeft ook geprobeerd Tinka te bereiken, dat is ook niet gelukt. Mariëlle heeft een sleutel van Tinka’s woning, aan ’t Blok in Breda. Ze gaat er even kijken. Op het eerste gezicht is er niks bijzonders, alles maakt de indruk dat Tinka vrij plotseling is weggegaan met de bedoeling terug te komen.
De familie begint ongerust te worden. Cees en Ria reizen terug, op Eerste Pinksterdag zijn ze in Breda. Ze doen aangifte van vermissing van Tinka en haast tot hun verwondering neemt de politie het hoogst serieus op: er wordt meteen een rechercheteam gevormd.
Cees en Ria zijn amper thuis, als Arno N.(33) aan de deur komt. Het is dan zondagavond, tien over half elf. Ze kennen Arno. Hij komt uit een keurige familie in Made. Ze weten dat Tinka voor hem werkt, in zijn wietkwekerijtje. Echt blij zijn ze daar niet mee, maar ze snappen het wel. Tinka was in 1999 uit huis gegaan, om op zichzelf te gaan wonen. Ze kon het flatje van haar zus overnemen. Ze had eerst een tijdje bij haar vader gewerkt als acquisitrice, daarna als verkoopster in een winkel en vervolgens was ze een eigen bedrijfje begonnen: ‘de nagelstyliste bij u thuis’. Dat liep best aardig, maar de economie zakte wat in en Tinka had behoefte aan een vast inkomen: ze had al bijna drie jaar een relatie met een jongen, ze denken erover een huis te kopen. Ze gaat werken bij een tankstation in Breda. Juist in die periode loopt de relatie stuk.

Het tankstation is een verzamelplaats voor uitgaande jongeren. Zo komt Tinka in contact met ‘het groepje Oosterhout’: stapvrienden en –vriendinnen die met elkaar optrekken als ze in Breda de cafés afschuimen. In dat gezelschap komt ze Arno N. uit Made tegen. Hij is een buitenbeentje en vanaf het eerste moment dat hij haar ziet is hij smoorverliefd op Tinka. Maar hij heeft geen schijn van kans, Tinka laat hem dat duidelijk merken en Arno lijkt genoegen te nemen met een soort broer-zus relatie. Wel probeert hij haar op alle mogelijke manieren aan zich te binden. Hij geeft haar vaak cadeautjes en hij biedt haar een aantrekkelijk bijbaantje aan: wietplantjes verzorgen. Vader Cees van Rooij: "Hij kwam ook wel eens bij ons. We wisten dat Tinka met hem omging, dat zij hem hielp, we vonden het prettig kennis met hem te maken. Hij was heel attent en voorkomend, hij deed alles voor Tinka."
Tinka zelf vond het iets te veel van het goede: Arno stalkte haar nog net niet, maar het zat er dicht tegenaan. Hij wilde altijd weten waar ze was en met wie ze uitging. Eén keer gingen ze samen naar een discotheek in Rotterdam, Tinka had er meteen genoeg van: Arno hield haar de hele tijd in de gaten en wilde niet dat ze contact had met andere jongens.
Het is de periode waaraan Tinka de reputatie ‘feestbeest’ dankt: van de tamelijk schuchtere Bredase is niet veel meer over en ze omringt zich graag met mooie snelle jongens. Zelfs Regilio Tuur komt – tot schrik van haar ouders- even in het vizier.

Aan deze tamelijk wilde periode komt vrij plotseling een einde als Tinka in 2004 verliefd wordt op Jeroen, een militair die naar Irak was uitgezonden. Ze is vast van plan met hem te trouwen en een serieus bestaan op te bouwen. Ze wil ook kappen met het werk in de wietkwekerij en dat zegt ze tegen Arno. Hij zegt later, in een verklaring, dat ze zwijggeld heeft geëist, maar daar gelooft Cees van Rooij niks van: "Dat blijkt verder nergens uit. Toen hij hoorde dat Tinka met iemand anders wilde trouwen en bij hem weg zou gaan, moet er iets in hem geknapt zijn. Dat was niet de eerste keer: hij was al twee keer eerder door het lint gegaan toen een relatie werd verbroken. Maar dat wisten wij toen nog niet."
Als Arno zich op Pinksterzondag ’s avonds bij de familie meldt, is er nog geen argwaan. Eigenlijk denken ze allemaal dat Wilko I. er wel iets mee te maken zal hebben. Dat denkt Arno ook: hij vindt Wilko héél verdacht. In de weken die volgen, speelt Arno een merkwaardig spelletje. Zo blijkt dat hij met de telefoon van Tinka is gaan rondrijden en in de buurt van vrienden van Tinka is gaan bellen, om de verdenking op hen te laden. Ook probeert hij een ex-vriendje van Tinka verdacht te maken. Het neemt niet weg dat de politie Arno stiekem in de smiezen houdt. Er is vooral één ding dat hem zelf verdacht maakt. Waarom heeft hij, toen Tinka niet te bereiken was, geen contact opgenomen met haar ouders? Het is voor de politie reden hem te observeren en zijn telefoon te tappen.

Op 9 juni wordt het lichaam van Tinka gevonden, in de Nieuwe Merwede bij Werkendam. Haar lijk was verpakt in plastic, verzwaard met kettingen. De ‘fout’ die de moordenaars maakten was dat ze het luchtdicht hadden gemaakt: het ontbindingsproces veroorzaakte een luchtbel, waardoor het lugubere pakket naar de oppervlakte kwam. Cees van Rooij: "Het voelde al slecht aan. Je hoopt dat ze ergens werd vastgehouden. Ik was het meest bevreesd voor een seksueel misdrijf. Dat was het eerste dat ik heb gevraagd: had ze haar kleren nog aan." Ook haar moeder, Ria, had daar rekening mee gehouden. "Tinka nam vaak binnenweggetjes. Haar auto was ook verdwenen. Hoe vaak ik niet al die routes heb gereden, in de hoop haar auto ergens te zien..."
Op dat moment is er nog geen verdachte in beeld, wel is het opvallend dat Arno nooit meer langs komt of belt. Van Rooij: "Achteraf kan ik dat wel verklaren. Hij was niet bij ons uit medeleven, maar om te horen of wij al iets wisten."
Eind juni komt de zaak in een stroomversnelling. Arno is van plan naar het EK voetbal in Frankrijk te gaan. De politie had hem liever nog wat langer gevolgd, maar ze willen het risico niet lopen dat hij in Frankrijk moet worden aangehouden en er een moeizame uitleveringsprocedure komt. Vader en moeder worden uitgenodigd op het politiebureau. De rechercheur vraagt: "Wie denk je dat we opgepakt hebben?" Tot zijn verrassing zegt Van Rooij: "Arno N." Dat is vooral intuïtie. Van Rooij: "Ik vond het vreemd dat hij ons niet condoleerde op de begrafenis."

Tinka met haar vader bij de Golden Gate Bridge in San Francisco
Er worden nog drie personen opgepakt: Angelo de B., een crimineel vriendje van Arno, en de vriendin van Angelo en haar broer. De vriendin heet Betty, de broer heet Jack. Ze wonen in Oosterhout. Eigenlijk zijn zij er alleen uit praktische overwegingen bij betrokken: Jack heeft een bootje en daarmee kun je prima een lijk verplaatsen en in een diepe put in de Biesbosch dumpen. De voorbesprekingen vinden plaats in de woning van Betty: zij weet wat de mannen van plan zijn, justitie verwijt haar dat ze niet heeft ingegrepen.
Uiteindelijk wordt zij vrijgesproken, tot woede van Tinka’s ouders. Maar ze zat wel in een lastig parket: ze kende Tinka niet, en als ze naar de politie was gegaan om te vertellen dat haar vriend en wat andere heren van plan waren een meisje te vermoorden, hadden de mannen ongetwijfeld alles ontkend en had zij een heel groot probleem gehad. Hoe dan ook, Jack B. slaat een week na zijn arrestatie door en dan zit er voor Arno en Angelo ook niet veel anders op dan bekennen.

Kort vóór het proces krijgen de ouders van Tinka de gruwelijke details te horen, van de officier van justitie. Arno had Tinka met een smoes naar een garage aan de Achterdijk in Zevenbergschen Hoek gelokt. Met een smoes werd Tinka naar een garage gelokt. Ze wist niet dat Arno daar een wiethokje had samen met Angelo. Tinka was daar nog nooit geweest. Wellicht had Arno gezegd dat hij een nieuw wiethokje had gevonden. Zodra ze binnen was, zette Arno een stroomstootwapen op haar gezicht. Tinka zakte in elkaar. In doodsnood kroop ze naar een hoekje: "We kunnen er toch over praten?" smeekte ze. Maar Arno zei dat ze al zoveel hadden gepraat, "je weet wel hoe laat het is." Hij pakte de klaarliggende klauwhamer en sloeg Tinka op haar hoofd. Ze gilde. Hij sloeg nog een keer. Hij verklaarde later dat hij zag hoe haar oogwit wegdraaide en hij hoorde Tinka ’nog even rochelen’. Zonder te controleren of ze dood was rolde hij haar in een zeil dat hij eerder samen met Angelo had gekocht en omwikkelde het geheel met tape. Daarna gingen ze ermee naar de boot van Jack B. en dumpten ze het pakket in de Biesbosch.

Tijdens het proces komen bizarre motieven van de andere verdachten naar buiten. Zo zou Angelo hebben meegewerkt in ruil voor een wederdienst: hij wilde zelf een paar familieleden om zeep helpen en daar zou Arno hem bij assisteren. Voor Angelo speelde ook mee dat hij de plek van Tinka in zou nemen. Arno maakte zich maar om één ding zorgen: tbs. In 1991 had de rechtbank in Breda hem voorlopige tbs opgelegd: zonder dwangverpleging. Hij doet er alles aan om tbs te voorkomen en daar slaagt hij wonderbaarlijk in. Hij weigert mee te werken aan een psychiatrisch onderzoek en de rechtbank legt hem alleen een gevangenisstraf op van 18 jaar. Arno is er dolblij mee, de nabestaanden van Tinka doodongelukkig: "Die jongen is totaal verknipt. Als hij wordt tegengesproken, verandert hij in een beest."
Dat bleek voor het eerst in 1991, toen hij enkele uren nadat zijn toenmalige vriendin – de dochter van een politieagent – de relatie had verbroken, haar met een honkbalknuppel ernstig mishandelde. Ze is nooit meer de oude geworden. In 1999 herhaalt de geschiedenis zich met Tina, een andere ex-vriendin van Arno(zie kader), maar dat weet bijna niemand: Tina vertelt haar verhaal pas als ze als getuige wordt gehoord nadat Arno is aangehouden. Als ze hoort wat Tinka is overkomen, zegt ze letterlijk: "Dat had ik kunnen zijn."

In de zomer van 2005, op de camping in Zuid-Frankrijk, in drie weken tijd, schreef vader Cees van Rooij veel van zijn frustraties van zich af. ‘Vermist en vermoord: Tinka van Rooij’. Jaap Jongbloed, van Tros Vermist, bewerkte het tot een boek en geeft het uit. Op de cover staat de foto die Tinka’s moeder maakte toen ze in de zomer van 2002 op het strand in Hoek van Holland waren.
Op zaterdag 3 juni is er een speciale uitzending van Vermist Extra aan gewijd. Het helpt allemaal een beetje mee bij het verwerken van het verdriet, maar de echte pijn gaat nooit over. Cees van Rooij: "En waar ik ook met mijn verstand nog altijd niet goed bij kan, is dat er zoveel mensen iets hebben geweten en al die maanden dat er gezocht werd, niets hebben gezegd. De man die Tinka’s auto uit elkaar heeft gehaald en in onderdelen verkocht, de mensen die Tinka hebben gezien toen ze naar die garage in Zevenbergschen Hoek werd gelokt, waar ze werd vermoord. Ze kijken toch ook naar de televisie, ze zien toch ook wel eens een krant? Maar als je ’t hun vraagt is het: ‘Wij wisten het niet.’"

EEN VREEMD, BEESTACHTIG GELUID
(fragment uit het boek 'Vermist en vermoord')
Tina (niet te verwarren met Tinka) was 15 jaar toen ze Arno ontmoette, in de zomervakantie van 1997. Een actieve blonde knul met een vlotte babbel. Ze zagen elkaar regelmatig en er ontstond een hechte vriendschap, die heel geleidelijk overging in een relatie. Twee jaar later trok Tina bij Arno in.
Het samenwonen zou maar vier maanden duren.
A1 snel ontstonden de conflicten. Het ging altijd over kleinigheden en stelde aanvankelijk niet veel voor. Maar toen Tina tegengas ging geven, werden de ruzies venijniger. Ze begonnen steeds hoger op te lopen en er kwam af en toe ook fysiek geweld aan te pas. In het begin niet meer dan een beetje geduw en getrek.
Maar na een tijdje ging Arno zich steeds gekker gedragen.
In de hitte van de strijd draaide één van zijn ogen dikwijls op een eigenaardige manier naar binnen. Arno hield dan het topje van zijn duim tegen zijn mond en maakte een vreemd, beestachtig geluid.
Wanneer Arno zo'n gezicht trok en die angstaanjagende tonen voortbracht wist Tina dat het mis was. Eén keer duwde hij haar tegen de muur, een andere keer smeet hij haar zo hard tegen een stoel dat die kapot ging. En het kwam voor dat ze met haar hoofd tegen de muur belandde of op de vensterbank.
Het agressieve gedrag van Arno werd alsmaar erger. Hij trok regelmatig aan haar haren. Zij vond dan de volgende dag hele plukken terug op de keukenvloer. Naarmate het geweld toenam, werd het seksuele contact minder. Dat frustreerde Arno enorm.
Rond oudjaar 2000 kwam de explosie. Die dag en nacht zou Tina nooit vergeten. Ze dacht dat ze dood zou gaan.

Arno had haar weer eens bij haar hoofd en keel gegrepen. Hij sloeg haar in de richting van de slaapkamer. Op een gegeven moment klemde hij Tina tegen de muur en stompte in haar maag en onderlichaam. Toen liet hij haar even los. Zijn oog begon te draaien, zijn duim ging naar zijn mond hij begon angstaanjagend te kreunen.
Tina greep haar kans en probeerde te vluchten richting de keuken. Maar het was tevergeefs. Arno greep haar bij de haren en trok haar de slaapkamer in. Hij gooide haar op het matras en pakte haar met volle kracht bij de keel. Hij kneep zo hard dat ze bijna geen lucht meer kreeg. Tina probeerde zich wanhopig te bevrijden. Ze trapte met haar benen in de lucht en slingerde haar lichaam van links naar rechts om te voorkomen dat hij haar nek zou breken of haar zou laten stikken.
Tina zag de dood voor ogen. En toen leek Arno tot bezinning te komen. Het was alsof hij schrok van wat hij aan het doen was. Tina maakte razendsnel van de gelegenheid gebruik en gleed onder hem uit. De slaapkamer uitvluchten durfde ze niet. Verstijfd van angst wachtte ze op wat komen zou.
Tot haar verbazing pakte Arno de telefoon en belde Angelo de B. Hij vroeg hem om meteen te komen, omdat hij anders bang was dat hij Tina wat zou aan doen.
Angelo kwam en dat werd Tina's redding. Achteraf noemt Tina deze dag haar Independence Day.
REACTIES OP DE VORIGE REPORTAGE
Ik maakte eerder een reportage over de moord op Tinka. Die is inmiddels achterhaald, vandaar dat ik die weghaal. Hier nog wel enkele reacties die op dat verhaal binnenkwamen (tot en met 9 juni). Eventuele nieuwe reacties hebben een datum na 27 juni (plaatsingsdatum van dit artikel)
|
ik wil toch wel reageren. Ik ken zowel Tinka en Mareille. En ja Tinka was bezig met verkeerde mensen op te gaan, maar de gene die Tink kende weet dat het een lieve meid was. Nu bijna 2 jaar later, ik mag leiden dat Arno mag hangen in zijn cel.Mareille en ouders van Tinka nog heel heel veel sterke , ik zal Tink altijd blijven herinneren als een topmeid.
Anretha
Geplaatst door: anretha mertens | 9 mei 2006 om 17:48