
(reportage uit Aktueel, november 2007)
Op 17 mei 2004 wordt Willem Endstra voor zijn kantoor neergeschoten als hij naar zijn gepantserde BMW loopt. Hij wordt vergezeld door David Denneboom. Maar David was niet de laatste die met de vastgoedmagnaat sprak: dat was automonteur Jan Brouwer uit Haarlem. Endstra was met hem aan het bellen over een nieuwe BMW. "Ik hoorde dat er geschoten werd. Daarna was er een heleboel geschreeuw. Ik heb nog een paar minuten geluisterd, ik hoorde ambulances, toen heb ik de verbinding maar verbroken."
‘Jantje Brouwer’(55) staat niet bekend als een prater, maar als we zijn garagebedrijfje aan de Lucasweg in de Haarlemse Waarderpolder binnenlopen, doet hij helemaal niet geheimzinnig over zijn activiteiten voor top-criminelen: het leveren van bepantserde auto’s. "Ik doe in sportauto’s, dat andere doe ik erbij. Mijn compagnon kende Sam Klepper, zo is het een beetje begonnen, in de jaren negentig. Daarna kwam Willem Holleeder en die heeft anderen geïntroduceerd. Die mannen komen allemaal hier, maar wat ze verder doen, dat weet ik niet. Willem Holleeder zei vanaf het begin tegen mij: ‘Ik doe niet in drugs, niet in moord en niet in afpersing.’ Dat zei hij uit zichzelf, ik vroeg hem daar niet naar. Ik vraag niemand wat."
Het pand waarin de garage aan de Lucasweg is gevestigd, komt ons bekend voor, van een bezoekje dat we er een jaar of tien geleden brachten. Toen zat Paul de K. hier, alias ‘de coureur’, met een koeriersbedrijf. In ‘De jacht op de erven Bruinsma’ van Bas van Hout wordt deze Paul door niemand minder dan Fred Teeven omschreven als een zogenaamde ‘uitvoerder’ uit de beruchte IRT-affaire. Hij zou als infiltrant hebben gewerkt voor de toenmalige Criminele Inlichtingen Dienst en bij verschillende misdaadorganisaties hebben geprobeerd zich in te werken. Na het uitkomen van het boek was hij zijn leven niet zeker en dook hij onder. Ook bij zijn bedrijf was hij toen niet te vinden. Brouwer: "Hij heeft inderdaad een paar jaar in dit pand gezeten, maar ik heb het weer teruggekocht. Hij komt hier nog wel eens, hij was hier pas nog. Wat ie nu doet? Dat weet ik niet."
In de achterbankgesprekken vertelt Willem Endstra over de gepantserde auto’s. Zowel Endstra als Holleeder bestelden hun bomvrije auto’s bij Brouwer. Waarom eigenlijk?
Brouwer: "Misschien omdat ze mij aardig vinden?"
Dat kan, maar er zijn meer aardige autohandelaren...
"Bij een dealer kun je zo’n auto niet zo bestellen, ik haal ze uit Duitsland. En ik doe niet zo moeilijk," zegt Brouwer.
Vooral Holleeder kent hij goed, "ik vind Willem een aardige vent." Hij heeft nog wel eens contact met diens zus Sonja, maar ook met Haico, de broer van Willem Endstra. Brouwer: "Van mij had Endstra ook 150 jaar mogen worden, ik heb nooit problemen met hem gehad."
Endstra stond er wel om bekend dat hij slecht van betalen was...
Brouwer: "Het duurde wel eens wat langer, maar als je dan een keer belde werd het altijd wel geregeld, bij mij had hij geen schulden."
Getuige Bram Zeegers vertelde dat Endstra kort voor zijn dood in geldnood zat: hij moest links en rechts geld lenen, kon nergens meer pinnen en van zijn dochter werd de spaarrekening opgezegd.
Brouwer: "Dat hij geen geld meer had geloof ik niet, hij had bij mij nog net een nieuwe BMW besteld. Ik had hem daarover aan de telefoon toen hij werd neergeschoten. De politie kwam ook meteen bij mij. Ik zei hoe het gegaanwas, dat het ongeveer drie minuten had geduurd. Dat klopte wel."
In het boek Stille Willem van Harry Lensink staat het zo:
"Endstra laat de man echter snel uit, want in het halletje staat al weer zijn volgende afspraak te wachten: David Denneboom, een andere vastgoedrelatie van Endstra. David is de jonge, gretige zoon van de roemruchte Amsterdamse vastgoedhandelaar Uli Denneboom. Met David heeft Endstra al meerdere zaken gedaan; hij is onder andere degene die de deal met het Kurhaus bij hem heeft aangebracht. ‘Ik loop effe met David naar buiten,’ roept Endstra tegen de anderen in het kantoor. De deur valt dicht. Dertig seconden later hoort iedereen het schot. Het hele kantoor schrikt op. Dennis Prins schuift de vitrage opzij en ziet Willem Endstra en David Denneboom op de stoep liggen voor het aanpalende Delphi Hotel. Een man met een pistool buigt zich over Endstra. Een tweede knal klinkt. Het genadeschot. ‘Wim is neergeschoten!’ gilt iemand. Dennis en Arnold rennen naar de voordeur. Daar zien ze dat de dader zich uit de voeten maakt, richting Beethovenstraat. ‘Hij heeft een rode jas aan!’ roept een getuige hen na. Arnold rent achter de man aan, Prins springt in zijn auto om de schutter te achtervolgen.
Tevergeefs. De dader is onvindbaar. Ze snellen terug naar de plek des onheils. Daar ligt Endstra zwaar gewond op straat. Inmiddels staan broer Haico en adviseur Bram Zeegers over het slachtoffer gebogen. Twee meter verderop ligt David Denneboom in de goot. Hij is door zijn knie geschoten. Later in het ziekenhuis zal de recherche hem in een moment van verstandsverbijstering nog arresteren voor moord. Boven de Apollolaan cirkelt de traumahelikopter. De eerste ramptoeristen komen naderbij. Scannerluisterende fotografen hebben bloed geroken en proberen het naargeestige tafereel te vereeuwigen. In een vlaag van woede slaat Arnold Endstra een van hen op het gezicht. Ambulancepersoneel verleent eerste hulp en voert de nog ademende zakenman zo snel mogelijk af naar het ziekenhuis. Daar overlijdt Willem Endstra korte tijd later aan zijn verwondingen."
Jan Brouwer heeft dit hele tafereel op afstand kunnen horen, van de schotenwisseling tot de aankomst van de ambulances. En toen?
"Ik hoorde op de radio wat er gebeurd was, het was al snel op het nieuws. En de politie kwam, maar ja, wat kan ik eraan doen?"
Weet Brouwer nog wat Endstra als laatste zei? Er volgt een wat ontwijkend antwoord waaruit niet duidelijk wordt of hij het niet weet of het niet wil zeggen.
Brouwer zegt het niet met zoveel woorden, maar hij had meer op met Holleeder dan met Endstra, hij lijkt zijn twijfels te hebben bij de vermeende afpersing. In de achterbankgesprekken beweert Endstra bijvoorbeeld dat Holleeder ook Brouwer met de dood heeft bedreigd.
Een fragment van een gesprek tussen Willem Endstra en Jan van Looijen, de Amsterdamse CIE-rechercheur. Holleeder rijdt meestal in een groene BMW, maar hij heeft volgens Endstra ook "een geheime auto, een bomvrije Volkswagen Jetta," die geparkeerd staat in een garage van Endstra aan de Minervalaan.
Van Looijen: Heeft-ie bij Pon (VW-importeur, HJK) gehaald hè? Endstra: Ik denk het wel.
Van Looijen: Staat die auto op zijn naam of zo?
Endstra: Ik denk op naam van eh... Jan. Van de garage uit Haarlem.
Van Looijen: O, van die garage
Endstra: Ik denk dat-ie op die naam staat maar ik weet het niet zeker.
Van Looijen: Is-ie ook eigendom daar dan?
Endstra: Ja. Volgende keer, als je het kenteken wil... Ik geef je het kenteken wel. Ik loop er zo langs, ik doe de deur open
Vervolgens gaat het over de truc met de airbags: Holleeder had in zijn auto’s op de plek van de airbag een bergruimte laten maken, waar hij een wapen in kon verbergen.
Endstra: Je moet in die airbags kijken. Want dat zit in die van mij ook. Dat had hij er toen in gemaakt. Heeft-ie laten maken door iemand.
Van Looijen: Door wie dan?
Endstra: Door eh... die Jan uit Haarlem
Van Looijen: Wat een vuile stinkrat zeg, kunnen we die garage ook wel sluiten.
Endstra: Die man is gewoon aardig
Van Looijen: Ja, niks mee te maken.
Endstra: Die heeft-ie ook met de dood bedreigd
Van Looijen: Ja, dat zal wel, natuurlijk.
Endstra: Die Jan zegt: ‘Nou, schreeuw niet zo.’ Ja, die heeft hij ook met de dood bedreigd. Ja, de gewone mensen, Jan van de garage is een gewone jongen, die vinden dat toch eng.
Van Looijen: Komt-ie daar met die Dino (Dino S., de man die als handlanger van Holleeder wordt gezien bij de afpersingen) ook?
Endstra: Ja.
Van Looijen: Nou lekker.
Van doodsbedreigingen weet Brouwer niks, "ik kon goed met Willem opschieten, ik heb met niemand problemen gehad." Heeft Brouwer er iets van gemerkt dat de beide Willems zoveel ruzie met elkaar hadden als Endstra suggereert? "Ik bemoeide mij daar niet mee, het is mij niet opgevallen. Zou dat wel waar zijn van die afpersingen? Wat zo’n Bram Zeegers vertelt, dat is toch een drugsverslaafde, moet je zo iemand geloven?"
Geen problemen dus voor Brouwers met de criminelen, wel wat met de politie. Dat had, behalve met het laatste telefoongesprek, te maken met zijn activiteiten voor criminelen, zoals het inbouwen van die ‘kluizen’ op de plek van de airbag. In een later gesprek komen ze daar op terug. Endstra vraagt dan aan Van Looijen: "Had die Jan nog gezegd dat-ie die kastjes had ingebouwd of niet?"
Van Looijen: Ja ja ja.
Endstra: Heeft-ie dat bekend?
Van Looijen: Tuurlijk, kan die niet onderuit
Endstra: Maar dat is niet strafbaar, of wel?
Van Looijen: Dat weet ik niet
Endstra: Hij kan er ook niks aan doen.
Van Looijen: Hij zit ook onder de duim bij zijn klanten, je ziet al die boeven daar komen,
Endstra: Er rijden nog meer van die BMW’s rond. Die ouwe (hij bedoelt Stanley H.) Ik heb er zelf ook allemaal van die kastjes in.
Van Looijen: Op zich zijn die kastjes niet zo verkeerd natuurlijk.
Endstra: Ik heb geen wapens, maar ik vind het bijvoorbeeld makkelijk als ik wat geld bij me heb of ik heb mijn papieren bij me, je gooit het erin en ze kunnen het nooit pikken.
Van Looijen: Bij Mieremet hebben we gekeken.
Endstra: Die had ook zo’n kastje erin
Van Looijen: Toen niet
De nieuwe BMW van Willem Endstra is nooit meer afgeleverd. Holleeder komt voorlopig niet meer aan rijden toe, Klepper en Mieremet zijn uitgereden en Dino S. beweegt zich ongetwijfeld voort in onopvallende vervoermiddelen. Slecht voor de omzet? Brouwer: "Daar merk ik weinig van. Het is niet het belangrijkste wat ik doe, het is maar een onderdeel."
Als er een wedstrijd gehouden zou worden voor ‘de beste automonteur van Nederland’ zou Brouwer zeker in de top-tien eindigen, vriend en vijand loven zijn kwaliteit. Wat de Amsterdamse politie meemaakte bij het inbouwen van afluisterapparatuur in de auto van Holleeder, dat zou je met Brouwer niet overkomen: als Holleeder in de auto belde, hoorde hij zijn telefoongesprek terug uit de unit van de binnenverlichting...
BMW was van Beatrix
Ten tijde van de achterbankgesprekken, in 2003, reed Endstra in een gepantserde BMW die daarvoor van koningin Beatrix was. Endstra zegt: "Hier zit zelfs nog een parkeervergunning in en een noodoproep installatie waarmee de koningin de kroonprins kon oproepen" en "Deze is van Beatrix geweest. Ik heb een vergunning voor de Binnenhof tot eind van het jaar, die zit nog achter mijn raam." CIE-rechercheur Van Looijen reageert: "Ja, dat zei u, ‘ik kan zo het Binnenhof oprijden’. Hoeveel zou dat ding moeten kosten?"
Endstra: Ik geloof eh, drie en halve ton guldens. 380.000.
Van Looijen: Zo duur nog?
Endstra: Zal ik de vergunning even laten zien of niet?
Van Looijen: Geloof ik zo wel.
Bij een volgende gelegenheid zegt Van Looijen: "Die auto die om de hoek staat, heb u zo’n handje hè? Van Beatrix."
Endstra: De vergunning is nog tot 1 augustus, kan ik nog het Binnenhof op. Dat is toch ook stom of niet.
Van Looijen: Vind ik wel grappig eigenlijk. Hebt u die bij die Brouwer gekocht?
Endstra: Bij BMW Nederland. En Brouwer heeft dat geregeld ja. Die heeft me die auto verkocht.
|
Die garage ziet er ook niet echt uit als een bonafide bedrijf voor dat soort merken auto's. Die hebben meestal toch wel een iets luxere showroom.
Geplaatst door: Mr X | 3 december 2007 om 14:18