Header image  
logo2
logo3
 
 

ZONDER BEKENTENIS WAS INA NIET VEROORDEELD

ina post

(reportage uit Panorama, 1987)

 

"Waarom kunnen mensen wel begrijpen dat ik een moord heb gepleegd, maar niet dat ik onder grote geestelijke druk een valse bekentenis heb afgelegd?" Bejaardenverzorgster Ina Post(31) is veroordeeld voor moord op een oude dame. Bewijs was er niet, wel een bekentenis. Zit Ina Post onschuldig vast?

Het vaste ploegje doorgewinterde rechtbankverslaggevers verblikte noch verbloosde toen op die dinsdagmiddag de 25ste november van het jaar 1986 een jonge vrouw een wanhopige noodkreet slaakte. "Wat moet ik doen om mijn onschuld aan te tonen?" smeekte ze. De rechter vond het niet eens nodig een antwoord te verzinnen en de verslaggevers achtten het overbodig dit aspect in hun artikelen te verwerken. Een verdachte die op de zitting ontkent, is dat niet onuitsprekelijk vermoeiend? Bovendien: ze had toch al bekend.
Bijna een jaar later, begin oktober 1987, komen wij via de
reclassering van het Leger des Heils in Den Haag bij Ina Post
terecht: zij is die jonge vrouw. In de Bijlmerbajes spreken we met haar.

Gedetineerden die beweren onschuldig te zijn, zijn bij kranten en weekbladen een bekend fenomeen. Meestal is het nauwelijks de moeite waard er aandacht aan te besteden, maar "de zaak-Post" is van 't begin af anders. De man van de reclassering, toch ook niet de eerste de beste amateur, zegt: "Ik zit al 25 jaar in dit werk, maar ik heb dit nog nooit meegemaakt. Vanaf het eerste begin heeft Ina de indruk gewekt dat ze 't niet gedaan heeft. Er zit iets niet goed, het past niet in het plaatje."

Eerst wat feiten. Op vrijdagavond 22 augustus 1986 wordt de
89-jarige mevrouw A.M. Kolstee-Sluiter vermoord in haar flat in Duivenvoorde, Leidschendam. Ze wordt gewurgd. Later blijkt dat er uit de woning twee kascheques en enkele giro-betaalkaarten zijn gestolen. De kascheques worden de volgende morgen, zaterdag de 23ste, verzilverd bij het postagentschap van de Bijenkorf in Den Haag, elk voor vijfhonderd gulden. Omdat de cheques op een verborgen plekje in een kast lagen, denkt de politie dat ze gestolen zijn door iemand die in huis goed bekend was. Het onderzoek richt zich daar dan ook op. Iedereen die wel eens bij mevrouw Kolstee binnenkwam wordt ondervraagd, ook de bejaardenverzorgster Ina Post(30).

Alle getuigen moeten een schrijfproef doen, waarbij ze in twee
verschillende handschriften moeten schrijven. Het 'schoolhandschrift' van Ina Post blijkt de meeste overeenkomsten te vertonen met de valse handtekening op de twee verzilverde kascheques. Op grond daarvan wordt ze op maandagmorgen 8 september in alle vroegte door een ware politiemacht uit huis gehaald en opgesloten. Na drie dagen uitputtend verhoor bekent ze alles wat de rechercheurs willen. De volgende dag, bij de Officier van Justitie, ondertekent ze de bekentenis, maar diezelfde dag bij de rechter-commissaris
ontkent ze. Drie dagen later weer tegenover de rechercheurs  bekent ze opnieuw. Dat ze daarna steeds zal blijven ontkennen maakt niet meer uit. Ze hangt. Op grond van de bekentenis wordt ze veroordeeld tot zes jaar cel.

inapost2

Een van de leiders van het onderzoek, inspecteur J. Welfing, chef recherche van Leidschendam: "Zonder de bekentenis zou ze inderdaad niet veroordeeld zijn." Wat is namelijk het geval? Er is zelfs niet het minste spoor van bewijs. Er zijn geen belastende vingerafdrukken, er zijn geen getuigen die Ina Post rond het tijdstip van de moord in de bewuste flat hebben gezien, de man van het postagentschap in de Bijenkorf heeft haar niet herkend, evenmin als de winkeliers waar de girobetaalkaarten zijn ingewisseld. Uit niets is gebleken dat Ina Post of haar echtgenoot ineens de beschikking hadden over extra geld en de goederen die gekocht zijn met de girobetaalkaarten zijn niet bij haar aangetroffen. Het handschriftonderzoek is ook verre van overtuigend. Er is  alleen "een aantal overeenkomsten in algemene kenmerken aangetroffen." Zonder de bekentenis zou Ina Post de perfecte moord hebben gepleegd, en dat op klaarlichte dag in een flat met een centrale ingang. Of, en dat is dus de vraag: is er iemand anders die écht de perfecte misdaad heeft gepleegd?

"Men weet altijd wel een reden en een achtergrond te vinden waarom en waardoor iemand tot een misdaad komt. Maar dat ik onder geestelijke druk en spanning een valse verklaring afleg, dat zou niet kunnen? Waarom wil niemand dat begrijpen!" Ina Post heeft op ons verzoek haar relaas op papier gezet, in verschillende brieven die telkens op hetzelfde neerkomen: onbegrip dat niemand haar wil geloven, de verschrikkelijke verhoren en de onbeschrijflijke situatie waarin je terechtkomt als je zomaar een moord in de schoenen wordt geschoven. "Ik kan niet bevatten dat er mensen zijn die werkelijk denken dat ik mevrouw Kolstee om het leven heb gebracht. Dit soort gedachten is nog nooit in mijn hoofd opgekomen, ook niet om van iemand iets weg te nemen. Ik hield van het werk als bejaardenverzorgster, ik was tevreden met wat ik had: een lieve man, een huis met een grote tuin, een paar dieren. We hadden het goed samen, we leidden een rustig leven, zonder financiële zorgen. Kunt u zich voorstellen hoe gek het voor mij was dat ik ineens verdacht werd van diefstal en moord? Ik had nooit van mijn leven verwacht op zo'n manier met de politie in aanraking te komen. Het is een heel griezelig en benauwend gevoel: onschuldig in de cel te komen, en vooral het besef: dit is mij dus overkomen. Iedereen houdt het voor onmogelijk dat de politie en de rechter zulke fouten maken."
Wie de 'bekentenis' van Ina Post leest zoals die in de gerechtelijke stukken voorkomt, ontkomt nauwelijks aan de conclusie: ze moet het gedaan hebben. Ina had op die bewuste vrijdagmiddag bij mevrouw Kolstee gewerkt, daarna was ze naar een paar andere cliënten geweest. Ze verklaart dan dat ze na zes uur weer teruggegaan is naar de woning van mevrouw Kolstee. "Op een gegeven moment ging mevrouw Kolstee naar het toilet. Ik zat in geldnood, alle girorekeningen stonden rood. Op dat moment kwam bij mij de ingeving op om geld weg te nemen bij mevrouw Kolstee. Het was mij bekend dat mevrouw Kolstee haar geld en papieren bewaarde in het kastje dat met de rug tegen de muur stond, die aan de keuken grensde. Op dat moment, dat ik dat kastje opende, kwam mevrouw Kolstee plotseling de woonkamer in. Ik hoorde haar tegen mij zeggen: "Dat mag niet".
Ik schrok hevig en gaf in een reflexbeweging mevrouw Kolstee een duw. Ik zag dat zij op de grond viel." Daarna vertelt ze hoe ze het slachtoffer wurgde met een stuk electriciteitssnoer.
Voor wie niet op de hoogte is met hoe zo'n verklaring tot stand komt, is het duidelijk. Bovendien is er een motief: geldnood. Om met dat laatste te beginnen: "Bij de stukken zat inderdaad een afschrift van de giro, met een tekort van tweehonderd gulden. Dat er kort daarvoor geen tekort was en dat er vlak daarna gewoon geld binnen zou komen, zoals altijd, werd niet genoemd. Iedereen staat toch wel eens rood, vlak voor het salaris binnenkomt? Maar aan dat ene afschrift is het hele motief opgehangen, zeer ten onrechte. Er was geen sprake van geldnood. Bovendien is haar moeder niet onbemiddeld, als er al financiële problemen waren dan had ze daar altijd terecht gekund, maar nogmaals: er was geen geldnood.

inapost3



Een moord plegen omdat je tweehonderd gulden rood staat, als dát het motief moet zijn..." aldus J. Heugens van de reclassering.
Dan het verhoor. Ina Post beschrijft haar ervaringen, vanaf het moment dat ze op maandagmorgen om kwart voor acht door de politie uit bed wordt gehaald. "Ik was meteen in paniek en overstuur. Ik wist echt niet wat mij overkwam. Op het politiebureau werd ik meteen in een cel gestopt. Op dat moment dacht ik nog: ik ben zo weer thuis. Ik heb er geen idee van hoe lang ik daar zat, ik had geen horloge om, alles was me afgepakt. Ik ben het tijdsbesef helemaal kwijtgeraakt en raakte steeds meer overstuur. Ik kon niet begrijpen dat ze mij van zoiets verschrikkelijks verdachten. Geen mens deed nog normaal, drie keer per dag werd ik verhoord, maar hoelang en tot hoe laat? Ik had er geen idee van. Veel van wat ze de eerste dagen tegen me zeiden heb ik niet begrepen. Ze putten je geestelijk helemaal uit. Slapen kwam er niet van en van het eten moest ik overgeven. Ik werd door een camera in de gaten gehouden. Het enige wat ze deden was schelden. Ze scholden mij uit voor alles wat mooi en lelijk was. Ik mocht niets hebben, niemand zien, ik mocht zelfs geen bijbel hebben. Ik voelde me door alles en iedereen verlaten. Ik ging me afvragen hoe ik ze duidelijk kon maken hoe mis en fout ze het hadden. Ik heb gevraagd onder hypnose verhoord te worden. Dan kun je niets verbergen en dan zouden ze het weten. Ze zeiden dat mijn familie niets meer met me te maken wilde hebben, dat ik mijn honden bont en blauw sloeg en andere dingen beneden alle fatsoensnormen. Op een gegeven moment kon ik er niet meer tegen. Ik was verward, het was allemaal zo onlogisch en ik wilde mijn man zien. Ik wilde dat ze ophielden met zeuren,
ik wilde dat er iemand bij me was die van me hield, die lief was en niet tegen me schreeuwde en vloekte. Ze zeiden dat ze zouden proberen dat ik mijn man mocht zien en toen heb ik die bekentenis afgelegd. Toen moest het op papier en gaven ze mij allerlei aanwijzingen voor een globaal verhaal. Daarna kreeg ik het gevoel dat ik zo'n beste meid was, ze deden allemaal zo vriendelijk, maar ik voelde me ellendig. Toen ze de volgende dag hoorden dat ik mijn bekentenis had ingetrokken, begon alles weer van voren af aan." 

inapost4

Een van de belangrijkste tactieken bij het opsporen is dat een
verdachte dingen verklaart die hij of zij alleen kan weten. De politie beweert dat er in de bekentenis van Ina Post verscheidene details voorkomen die ze alleen kon weten als ze de daderes was. Op dit punt rammelt het onderzoek echter uitermate. De politie zelf heeft Ina Post, toen ze nog geen verdachte was, uitvoerig op de plaats van het misdrijf rondgeleid om te vragen of er dingen veranderd waren nadat zij er voor het laatst was geweest. De gegevens over de cheques zijn ook op een merkwaardige manier in de verklaringen terechtgekomen. Ina: "Als ik iets zei dat niet klopte zeiden ze: nee, dat was anders. En dan gaven ze een aanwijzing hoe
het wel was. Dat er cheques waren verdwenen hebben ze mij zelf
verteld, ik wist het niet. Ik heb maar wat gezegd, toen ze vroegen hoeveel het er waren. Toen vroegen ze: van welke bank? Toen heb ik allerlei namen van banken genoemd, tot ze zeiden: ja, die is het. Ik ben zelf alleen bekend met de giro en met eurocheques. Toen ze vroegen voor welk bedrag ik de kascheques had ingevuld, zei ik: driehonderd gulden. Dat was fout. Het moest vijfhonderd zijn. Met het noemen van de plaatsen waar ze verzilverd waren ging het net zo. Ik noemde steeds verkeerde plaatsen. Ze zeiden dat de cheques niet bij een bank konden worden ingewisseld, maar of dat nou wel of niet waar is weet ik nog steeds niet. De grootwinkelbedrijven die zij noemden, daar was ik al in geen tien jaar meer geweest. Ik kom nooit in het centrum van Den Haag. Bij ieder verhoor dacht ik: nou moeten ze merken en weten dat ik het niet gedaan kan hebben.
Op een gegeven moment zeg je van alles, als ze maar ophouden met vervelend doen. Eigenlijk had ik ook geen idee wat zo’n verklaring voor gevolgen kon hebben. Ik wist dat ik onschuldig was en ik dacht dat dat toch wel boven water zou komen. Moe, doodmoe was ik.Ik kon alleen nog maar huilen. De andere dag hebben ze mij totaal overstuur uit mijn cel gehaald en die verklaring onder mijn neus geduwd. Het had op dat moment van alles kunnen zijn, ik had alles ondertekend."

inapost5


Valse bekentenissen zijn er in alle soorten en maten. Bij veel
spraakmakende misdrijven komen er gestoorde figuren opdraven die zeggen dat zij het gedaan hebben. Onder grote emotionele druk kunnen ook 'psychologisch-normale' mensen -zoals Ina Post- tot een valse bekentenis komen. De zenuwarts professor dr. M. Zeegers, die ook in haar zaak is geraadpleegd:"Een doodgewone rechercheur vertelde me eens: als ik wil kan ik iemand laten bekennen dat hij zelfmoord heeft gepleegd". Als je ziet wat voor methoden de heren rechercheurs erop nahouden. Het zijn geen lichamelijke martelingen, maar geestelijk is het uitputtend. Soms hard, dan weer zacht. "Dan mag je je man of je vrouw zien," zo gaat dat. Je hoeft echt niet abnormaal te zijn, als je maar goed in de knoei gebracht wordt. Vaak denken ze: straks voor de rechter vertel ik wel hoe het echt gegaan is. Dat komt herhaaldelijk voor, dat mensen een veel te groot vertrouwen in de rechter hebben. Hersenspoeling, zegt men dan, dat doen we hier toch niet? Maar bij zo'n verhoor worden wel uiterst suggestieve vragen gesteld. Je komt altijd met jezelf in tegenspraak, dat is een van de tactieken. Plus: de verhoorder gelooft zelf in je schuld, je gaat het langzamerhand zelf ook geloven. Ik heb pas nog meegemaakt dat een rechter een van suggestieve vraagstelling beschuldigde rechercheur aansprak met: "U hebt toch geen suggestieve vragen gesteld?" Elke rechercheur doet het, soms onbewust. De manier waarop de verklaringen tot stand komen, daar zijn ook aardige voorbeelden van. Zo heb ik onlangs een verklaring gelezen van een man die nauwelijks een woord Nederlands spreekt, maar wel in keurige volzinnen vertelt dat het hem bekend was dat het onderhavige rijwiel hem rechtens niet toebehoorde.


inapost6

In de verklaring van Post staat dat ze tegen rechercheurs zegt dat ze haar bekentenis heeft ingetrokken omdat ze bang was voor straf. Dat is gemeen. Zo heeft ze dat niet gezegd. Zo'n rechercheur vraagt: waarom heb je nu ontkend? Je was zeker bang voor straf! De rechter zou moeten weten hoe de vragen gesteld zijn en de antwoorden tot stand zijn gekomen. Dat ontbreekt heel erg."
Dat het verhoor van Ina Post uitzonderlijk hard is geweest, staat vast. Tegen een van de betrokken rechercheurs zijn in één jaar tijd vier klachten ingediend. Zelf heeft hij na de bekentenis aan een kennis verteld dat ze haar stevig hadden aangepakt, maar op de zitting kon hij zich dat met zeer veel moeite herinneren. Dat de politie na de bekentenis niet verder heeft gezocht naar andere daders is tamelijk onbevredigend. Er zijn nogal wat tegenstrijdigheden. Als de moord in paniek is gepleegd neem je toch geen cheques mee, die je de volgende dag gaat inwisselen? Dat doe je alleen als er maar een minieme kans is dat je verdacht wordt. Iedereen kon weten dat Ina Post die middag bij mevrouw Kolstee was geweest. Ook het ontbreken van een alibi voor de zaterdagmorgen toen de cheques zijn ingewisseld, roept vragen op.

inapost7


Heugens
: "Als je gewoon thuis bent heb je geen alibi. Als er nou getuigen waren die haar die morgen naar de stad hebben zien gaan, of in de stad hebben gezien, dan lag het anders." Het politie-onderzoek is er zeer duidelijk op gericht geweest de schuld van Ina Post aan te
tonen. Aan dingen die niet in dat straatje pasten is geen aandacht besteed. 
Alle hoop van Ina Post is nu gericht op de behandeling van haar zaak in cassatie. Als ze daar ook wordt veroordeeld, zijn de mogelijkheden om haar onschuld aan te tonen verkeken, tenzij de echte dader zich meldt.
J. Heugens tenslotte: "Niemand kan met honderd procent zekerheid zeggen dat ze de moord niet heeft gepleegd, maar de manier waarop het onderzoek is gedaan en de behandeling voor de rechtbank is uiterst onbevredigend. Er is haar geen recht gedaan."
Haar man en familie zijn al die tijd pal achter Ina blijven staan, overtuigd van haar onschuld. Maar haar moeder zei pas: "Ik hoop zo langzamerhand dat ze het wél heeft gedaan. Dan kunnen we beginnen met vergeven. Dit is onverdraaglijk."